te gek

Zoals iemand van m’n Facebook-kameraadjes het mooi schreef: 7 jaar lang nooit geflitst worden en dan toch veroordeeld worden omdat getuigen beweren dat je te snel reed….

Nope, ik vind het een bizarre beslissing dat Lance Armstrong’s 7 toerzeges worden afgenomen. Maar wie ben ik…Voor mij blijft hij toch wel een voorbeeld.

Desalniettemin…dit prentje vond ik te grappig om zo maar te laten passeren 😉

Advertenties

climaxtraining

Een tweetal weken geleden suggereerde coach Tiny dat ik eens een climaxtraining moest doen. Dat of een wedstrijd over 10 km. Reden hiervoor was de lage hartslag waar ik nu toch al een paar weken aan loop. Langere duurlopen in D1 gaan zo meestal rond de 135, tempotrainingen (tussen 10 en 11 km) zo rond de 142. Voor hem een indicatie dat mijn trainingstempo’s misschien wat moeten opgekrikt worden. Maar Tiny wou op zeker spelen en me dus eens aan een testje onderwerpen.

Ik had nog nooit van een climaxtraining gehoord, dus een beetje uitleg was wel nodig. Tiny omschreef het als volgt: Een climaxloopje is een duurloop van een uur. Je begint op een tempo dat iets lager is dan je DL1 tempo en per 5/min komt er iets aan snelheid bij. In de laatste 5 min dient de snelheid zo hoog te liggen da je ongeveer 30”/km sneller loopt dan je huidige 10 km snelheid. Loopt nu je HF-curve evenredig op met je snelheid dan is je omslagpunt een eind opgeschoven en is je conditie vooruit gegaan. Vertoont die HF-curve op een bepaalde snelheid een knikje dan ben je weinig of maar amper iets vooruitgegaan.

In mijn geval wilde dit dus zeggen: starten aan zo’n 6:30 min/km, per 5 min telkens 10 seconden versnellen om uit te komen zo tegen de 4:30 min/km. Slik. Had het even uitgeschreven en kwam zo tot de constatatie dat ik vanaf 40 minuten aan 12 km (en sneller) zou lopen. Jeetje.

Nu kreeg ik geen datum of zo opgelegd van Tiny, dus besloot ik gewoon een geschikt moment af te wachten, zowel wat persoonlijk gevoel als weersomstandigheden betrof. Vandaag bleek het moment daar te zijn. Had deze namiddag verlof en kon dus de nodige tijd uittrekken. Ben wel van op ’t werk vertrokken, omdat ik daar een mooi rondje van een goeie 3 km had waar ik geen kruispunten of lichten of zo zou tegenkomen. Ideaal dus.

De training verliep op zich supergoed. Enige dat niet goed verliep was het meten door m’n Garmin. Net nu ik zo fel op m’n tempo moest letten, liet Garmin het wat afweten. Dat gebeurt wel meer daar in de Antwerpse parken. Ofwel is het dikke bladerdak van de bomen té verstorend, ofwel hangen er daar gewoon te veel of te weinig satellieten waardoor de ontvangst tilt slaat. Het vervelende was dus dat het tempo constant versprong. In ’t begin liep ik dus supertraag, maar volgens Garmin liep ik een heel stuk aan 14 km/u (yeah right). Versnelde ik, gaf ie weer tragere tempo’s aan. Op ’t einde liep ik de longen uit mijn lijf en versprong ie weer naar een veel trager tempo. Bij duurlopen niet zo’n ramp, maar nu ik om de 5 min. moest veranderen van tempo en eigenlijk strikt op m’n tempo moest letten was het wel heel lastig om juist te lopen. Maar op zich was het verloop van mijn hartslag het belangrijkste. Ik lette er vooral op dat ik na elke 5 minuten toch een beetje sneller begon te lopen en dat ik dan die snelheid probeerde vast te houden. En zoals al hiervoor gezegd: tegen het einde liep ik echt te sprinten en haalde ik alles uit de kast. Mijn hartslag startte aan een gemiddelde van 126 (eerste 5 minuten) en stagneerde op het einde op 178.

Toen ik de cijfertjes deze namiddag bezorgde aan Tiny, kreeg ik een zeer opbeurend mailtje terug. De resultaten waren zeer goed en ik mag vanaf nu dus sneller beginnen lopen! Tiny schat zelfs in dat ik nu op een 10 km-wedstrijd gemakkelijk een eindtijd van een 48 minuten zou kunnen halen. Jammer dat er geen leuke wedstrijden in de buurt zijn om eens te testen 🙂

M’n omslagpunt ligt nu zo rond de 176. Dit is een forse verbetering tov vroeger, toen ik na een test eens uitkwam op 167.

Voortaan mag het dus iets sneller op de trainingen. Dat wordt nog spannend 🙂
DL1 tempo wordt 6:18 min/km (ipv 6:33 min/km)
DL2 tempo wordt 5:49 min/km (ipv 6:03 min/km)
DL3 tempo wordt 5:13 min/km (ipv 5:25 min/km)

Vanaf volgende week wordt er ook een 4e looptraining per week ingelast, tot aan de marathon. Rustig, half uurtje opbouwend tot 45 minuten. In de plaats van die fameuze fietsplannen naar ’t werk. Tot nu toe nog maar 2 keer naar ’t werk gefietst en tja…ik ben er duidelijk geen fan van. Saaie lange route. Het weer werkt ook niet mee, ik krijg het moeilijk ingepland in m’n werkplanning (superdruk momenteel met veel vergaderingen) én thuisplanning (2-jarig ukkie dat weggebracht en gehaald moet worden, weetjewel). Maar ook mentaal een probleempje: ik voel me niet op m’n gemak zo ’s morgens vroeg en ’s avonds alleen op de fiets voor zo’n eind. De val van 3 jaar geleden blijft op dat vlak wat door m’n hoofd spoken en de route gaat grotendeels langs drukke banen. Ik zou maar weer eens moeten vallen en deze keer onder een vrachtwagen belanden…Het zijn allemaal maar excuses, I know. Maar dan lijkt een 4e looptraining me toch een beter alternatief en momenteel voel ik me opgelucht nu ik deze beslissing genomen heb. Dus ’t zal wel de juiste beslissing zijn 🙂

Nog 3,5 maanden te gaan…het worden nog spannende tijden 🙂

hoog tijd…

voor nog eens een sport-update!

Na de Helicopterrun heb ik slechts twee daagjes echt stilgezeten. Kan ook moeilijk anders, want eigenlijk is ondertussen het schema voor de marathon van Zeeland aangevat. Met nog een dikke 4 maanden te gaan, wordt het stillekesaan “serieus”. Tot aan de marathon heb ik maar één wedstrijd meer gepland en da’s die fameuze “Trail des Fantômes” in de Ardennen, en die doe ik ook mee als training voor Zeeland. Dus tot 6 oktober heb ik alleszins geen echte wedstrijdstress meer, prima voor mij 🙂
Geen idee hoe mijn marathontraining er zal uitzien de komende maanden. Coach Tiny laat nog niet in zijn kaarten zien, hij geeft me altijd schema’s voor de komende 6 weken. Het huidige loopt zo tot half juni. Misschien maar goed ook, hoef ik nu al niet te stressen over een duurloop van 30 km te lopen op zondag 16 september of zo (veel kans wel dat er zoiets gaat staan dan, tegen die datum, haha). Nee, maximaal 6 weken vooruitkijken is wel beter voor mijn gemoedsrust.

Afgelopen woensdag had ik een dagje verlof en kon ik ’s morgens gaan trainen, in de koele ochtendlucht dus. Heerlijk. Had nog eens het Domein van Hofstade uitgekozen en dat lag er rustig en vredig bij op zo’n woensdagochtend. Een uurtje wisselloop à 10 km/u met 10 blokken van 1 minuut aan zo’n 11 km/u. Ging super!
Vrijdag was het andere koek: pal op de middag gaan lopen onder m’n lunchpauze. De zon brandde ongenadig. Gelukkig stond er ook wat wind, dat hielp een beetje. Toch maar het Park Den Brandt weer uitgekozen omdat ik daar quasi heel de tijd beschut kan lopen. Had een flesje water mee dat ik strategisch op het parcours had geplaatst. Zo kon ik om de 2 km even drinken en dat was echt nodig. Na elke 2 km kwam ik compleet uitgedroogd aan het zelf-georganiseerde drankenpostje aan, met het gevoel alsof elke druppel vocht uit mijn lijf was verdampt. Nie normaal. Maar al bij al een heel goeie training gelopen (10,2 km in een uurtje) en oké, het is warm, maar ik geniet eigenlijk ongelooflijk van dat zonnetje op mijn lijf. En gelukkig bestaat er water om te verfrissen en het vochtgehalte weer wat op peil te brengen.
Nog van dat please!

Zondag dus! Lange duurloop dag en coach Tiny is onverbiddellijk. Ik dacht zo na die Helicoptterrun vorige week dat ik wel een weekje rust kreeg, maar niks van dat! Verdikke al terug 1,5 uur gaan lopen ja! Maar dat bolde goed hoor. Op deze zondag er zelfs speciaal om 7u voor opgestaan, kwestie van de ergste hitte voor te zijn. Het duurde wel tot kwart voor 8 eer ik effectief de deur uit was (zondag-ochtend-traagheid), maar daarna een heerlijk toerke van 14,2 km gelopen in 1u31 minuten, meer moest dat niet zijn. Enig minpuntje was de invasie van muggen net op de plaats waar ik effe een héél dringend pitstopje moest maken. Op die 30 seconden had ik 10 beten te pakken en niet van die kleintjes hé. Nee, van die megabeten van zo’n 3 cm doorsnede. Geen idee wat voor muggen dat waren, maar het waren kleine monsterkes in ieder geval. Jeuk jeuk jeuk! Al drie dagen aan een stuk. Grrrrr…..

Maandag dan dagje rust en dat was een genietdagje in Cadzand en Sluis met mijn twee ventjes. Energie opgedaan tot en met, zodat ik vandaag met de fiets naar ’t werk ben gereden. Op m’n eentje ook al weet ik dat K. misschien ook met de fiets ging? Sorry joh, maar de vorige keer was ik de hele dag uitgeput na jouw tempo ’s morgens gevolgd te hebben, haha. Deze keer dus op mijn eigen relaxte tempo en dat ging vlotjes. Tijdens het fietsen de stopwatch (garmin dus) telkens stopgezet als ik voor een rood licht stond, zodat ik eens een deftig zicht kreeg op mijn echte fietstempo. Heenrit ging zo aan 23,4 km/u gemiddeld en de terugrit aan 24,1 km/u gemiddeld. Nog niet veel soeps dus, maar ‘k moet ergens starten hé. Zo veel heb ik het voorbije jaar nog niet gefietst (in 2012 nog maar 235 km, da’s gene vette hé). Nog veel te oefenen dus. Als het volgende week mooi weer is, gaat het weer eens een keer op de fiets naar ’t werk.

Morgen geen rustdag, wel intervaltraining…aaaargggghhhhh, not my favourite…

fietsexpeditie

Maandag eindelijk mijn goed voornemen waargemaakt en met de fiets naar ’t werk vertrokken. Jep, als ik iets in mijne kop krijg, dan doe ik het echt hoor. M’n ventje heeft me nog proberen tegen te houden door me zondag een paar keer voor zot te verklaren. Vooral bij het aanhoren van het weerbericht (vriestemperaturen zondagnacht), begon ik ook wel wat te twijfelen. Maar ‘k had een zware stok achter de deur, waardoor opgave eigenlijk onmogelijk was….iemand die me rond km 11 zou staan opwachten om me verder naar Antwerpen te begeleiden. Héél stiekem zat ik zondagavond nog te hopen dat hij me een mailtje zou sturen om het geheel af te blazen, maar dat mailtje kwam dus niet…Doemme 😉 Dus vlak voor het slapengaan effe alles klaargelegd van kledij (drie lagen, ikke koukleum hé), rugzak gemaakt (gewone kledij had ik vrijdag al op ’t werk gelegd, dus moest er niet veel meer mee) en wekker nog een kwartiertje vroeger dan anders gezet (maw kwart voor 6, auch).

Zondagnacht amper een oog dichtgedaan, zo nerveus was ik. Stom hé. Dus ik was natuurlijk al voor de wekker wakker. Als ontbijt kapte ik een voedzame shake binnen en er ging voor alle zekerheid nog wat sportdrank in m’n drinkbus en om tien na 6 zat ik op de fiets. Koud!! Maar ik had me toch warm genoeg aangekleed (lange warme winterfietsbroek, shirt korte mouwen, sport-fleece-trui, jasje, oorverwarmers, handschoenen). Enige wat ik vergeten was, waren warme kousen. Ik had dus gewoon dunne fietssokken aan en tegen dat ik halverwege was, waren mijn tenen dus bevroren. Echt quasi letterlijk…ik kon er geen beweging meer inkrijgen, best freaky. Maar soit, dat was dan ook het enige ongemak onderweg.
Na 11,4 km stond ik dus bij K. thuis in Sint-Katelijne-Waver en een paar minuten later reden we al weer voort richting Antwerpen. Via allerlei kleine weggetjes ging het door Katelijne, naar Duffel, Lint en zo tot aan de “fietssnelweg” die start vanaf Kontich-Kazerne. Vanaf daar gaat het in een rechte lijn langsheen de spoorlijn tot aan Berchem-station. Onderweg geen enkel verkeerslicht tegengekomen, dus da’s wel leuk. Voor K. mocht het wel een beetje sneller gaan, voor hem was het een zeer relaxed ritje (maar voor mij een heftige training!). Aan Berchem scheidden onze wegen zich en moest ik enkel nog de Singel afrijden richting werk. Na 36 km in 1 uur 40 minuten ongeveer (incl. drie keer lang wachten aan de lichten op de Singel) was ik op het werk gearriveerd. Deugddoend douchke en om iets na 8’en zat ik aan m’n bureau. Moe, maar wel voldaan.

van thuis naar 't werk

Het tochtje zat toch wat in m’n kleren. Heb de hele dag door honger gehad 🙂 En ook wel een beetje een vermoeid gevoel. En dan moest ik ’s avonds (allé, om 16u) nog terug natuurlijk. Die trip ging op m’n eentje en ik besloot dan ook m’n eigen (gekende) route te proberen, want dat tripje van ’s morgens zou ik nooit zelf terug vinden (allé, dat stuk vanaf Kontich-Kazerne tot Katelijne). Dus via de parken naar de Prins Boudewijnlaan, dan aan Kontich even doorsteken naar de N1 (Antwerpsesteenweg) en zo naar Mechelen. Daar via de Dijle dan naar Muizen en zo verder naar huis. Die route viel uiteindelijk reuze-goed mee. Slechts een drietal drukke kruispunten en voor de rest kon ik eigenlijk overal vrij vlot doorrijden (behalve in Kontich-centrum, was effe rampzalig stukje) en dat over een eigen fietspad (behalve dan in Mechelen, maar daar heb ik dan niet de ring gevolgd maar de vesten, waar amper verkeer rijdt). Alleen is de N1 over een groot stuk serieus hellend, maar what goes up must go down hé, en dat stuk naar beneden ging echt wel effe héééél hard.
Deze route is trouwens een stuk korter, nl. net 30 km, en zo was ik na 1 uur 22 minuten weer thuis. Alleen was het een pak saaier dan het gezellige ritje ’s morgens natuurlijk. Dus hopelijk wil K me de volgende keren (over een kleine twee weken ga ik weer) me weer op sleeptouw nemen.

van 't werk naar huis

triestig domein

Na de 10 mijl van vorige week, volgde deze week een “rustweekje”. Woensdag en vrijdag dus rustig wat kilometertjes gelopen zonder te snel te willen gaan. De benen vonden de relatieve rust wel leuk. Woensdagavond kwam daar nog een fietstochtje van (per ongeluk) 28 km bovenop. Die “per ongeluk” slaat op het feit dat ik eigenlijk maar maximum 20 km wou doen, maar dan reed bibi voor de verandering nog eens verkeerd. Het duurde vier kilometer eer ik dat doorhad…en dan moest ik nog terug natuurlijk 😉 Het was in ieder geval nog even een goeie oefening voor de fietstraining die ik morgen gepland heb: ’s morgens vroeg een dikke 30 km heen (naar ’t werk in Antwerpen) en ’s avonds dezelfde afstand terug naar huis. Ben eens benieuwd. Voor de afstand heb ik geen schrik, wel voor de route. Maar ik krijg ’s morgens alvast een fijne gids die me vanaf km 11 gaat vergezellen tot in Antwerpen. Dat maakt het alvast wat plezanter!

Vanmorgen dan terug een lange duurloop in aanloop naar m’n halve marathon. 85 minuutjes tegen een 6:33 min/km (mijn tempo’s zijn nu een beetje opgevoerd, nadat ik met de twee herstelduurloopjes van de week amper nog boven de 130 uitging met m’n hartslag). Ik besloot nog eens van thuis uit naar het Domein van Hofstade te lopen, daar een rondje en dan weer naar huis. Goed voor 14 km. Op m’n Ipod had ik dit keer een podcast van Nigel Williams gezet, toevallig zaterdagavond ontdekt toen ik ITunes aan het afstruinen was naar leuke podcasts. Het bleek in ieder geval gezellig gezelschap. Hij en een andere kerel (wiens naam ik even kwijt ben) die hun commentaar wat leveren op het nieuws van de voorbije week (had wel de editie van vorig weekend nog dus dat ging nog over de week daarvoor), maar een beetje zoals zatte toog-praat.
Na een dikke 4 km was ik dan aan het domein en ik keek al uit naar een rondje trailen. Maar viel me dat tegen zeg. Ik wist al wel dat ze heel het domein aan het afsluiten zijn met een grote zwarte omheining. Gelukkig kon ik nog gewoon binnenlopen (had voor alle zekerheid wel m’n identiteitskaart in m’n Camelbak gestoken, inwoners van Boortmeerbeek mogen namelijk steeds gratis binnen), maar dan kwam dus de teleurstelling. Het eerste stuk tot aan het pad rondom de vijvers was al geasfalteerd, maar toen ik aan het pad kwam, kwam ik terecht op een kiezeltjes-pad. Ik wist niet wat ik zag. Geen fijn oneffen natuurlijk aarden pad, maar een dikke laag kiezeltjes…Bah. Na een paar 100 meter, kon ik een zijpaadje inslaan dat ze gelukkig nog niet hadden vernield, maar dat hield na een 100 meter alweer op en dan moest ik terug die strontkiezels op. Een beetje verder hielden de kiezeltjes op (de zak was op of zo), en sloeg ik terug een pad in en had ik een halve kilometer of zo geen stenen…dan het pad naast de spoorweg en wat lag er daar…jep, kiezels! Aaaaarrggghhh. Welke paljas verzint nu zoiets…Zucht. Halverwege dat stuk ging het gelukkig weer over in onverhard en kiezelloos en kon ik een stukje lopen en gelukkig was het stuk langs de vijver tot aan het sporthotel nog ongerept gelaten (en hopelijk laten ze dat ook zo). Maar vanaf daar is het dan gewoon asfalt én klinkers. Naast het strand lopen er drie paden (waarvan één tot fietspad is gebombardeerd) en alledrie de paden zijn nu met klinkers dichtgelegd (vroeger was er toch ook ééntje onverhard). Pfftt….
Echt triestig om zien. Het laatste stuk natuur waar we naar hartelust deftig wat kilometers konden doen, nu ook om zeep geholpen. Als ik op asfalt of steen wil lopen, heb ik in onze regio keuze te over. Kilometers natuur en onverharde paden zijn er echter niet te vinden. Bij ons in het dorp is er een bos met een pad van welgeteld 500 meter en dan zit je weer op straat. That’s it. Maar in het domein kon ik vroeger gewoon kilometers onverhard lopen en niet over rotkiezels en klinkers. Niet meer dus. Ik was dus enorm teleurgesteld en heb bij thuiskomst gewoon direct naar Bloso gemaild om m’n ongenoegen te uiten. Ik moest m’n teleurstelling echt wel effe uit m’n systeem krijgen (en dat is dus nog niet gelukt).

Soit, ik heb uiteindelijk dus wel 14 km gelopen hoor, in 1u31, dus iets te lang gelopen, maar het liep best wel lekker. Niet moe achteraf. Weer een stapje dichter bij de halve marathon 🙂

testpiloot

Een aantal weken geleden schreef ik al eens dat ik het ambitieuze plan had opgevat om één keer per week van en naar m’n werk te fietsen. Dat tripje is een 31 km enkel, dus op een dag train ik dan 62 km al fietsend. Als alternatieve training naast het lopen kan dat wel tellen.
Aanvankelijk dacht ik dat vanaf maart te doen. Maar dan stak twee weken ziekte in februari een beetje roet in het eten, zodat ik niet kon “oefenen”. Ik vond nl. wel dat ik toch eens terug gefietst moest hebben, alvorens een expeditie zoals naar en van het werk fietsen te ondernemen. Een te drukke agenda en dan een weekje verlof, zorgden er dan voor dat ik pas vandaag (dankzij een namiddagje verlof) eindelijk weer op m’n Trek kon kruipen. Het plan wordt dus noodgedwongen opgeschoven naar april, maar dat had je al wel begrepen natuurlijk 😉

Vandaag dus een testritje over 31 km. Ik moest toch nog eens voelen wat zo’n afstand juist met ne mens doet. Oké, ’t is eigenlijk voor een fietstochtje maar een korte rit. En een geoefende fietser zoals Sandy of mijn collega B. (die me al weken zit te pushen, de snoodaard) doet dat in een uurke. Ik helaas niet. Ik ben, net zoals in het lopen, ook in het fietsen gewoon een slak. Dat is vandaag ook weer gebleken. Maar die gebrekkige snelheid lag ook aan iets anders. Ik besloot namelijk om het eerste deel van de rit naar m’n werk te doen. Vanuit Boortmeerbeek langs de Leuvense Vaart naar Mechelen. Ik kom dan uit aan Mechelen-station en vandaaruit zou ik dan een stukje Ring doen tot aan de Antwerpsesteenweg. In totaal een 11,5 km. Vanaf daar is het nog 19,5 km tot aan mijn werk (als ik gewoon de Antwerpsesteenweg tot in Berchem volg en dan de Singel tot aan ons kantoorgebouw).

Het eerste stuk tot aan Mechelen-station ging heel vlot. De 8,5 km tot daar legde ik af in nog geen 21 minuten. Niet slecht voor een bleuke, al zeg ik het zelf. Da’s toch een gemiddeld tempo van 24,2 km/u. Maar dan….aan het fietspad voor het station werd het slalomrijden om achteloze voetgangers te vermijden, een beetje verder kom ik aan het Raghenoplein waar het fietspad abrupt stopt en je voor een voetgangersbrug staat om aan de andere kant van de rijbaan (de Leuvensesteenweg) te geraken. Qua hindernis kon dat wel tellen. Daarna de dubbele lichten aan het grote kruispunt met de N16 (en die stopwatch bleef maar voortlopen, terwijl ik lekker minutenlang stilstond), een beetje verderop weer een voetganger op het fietspad waardoor ik alles moest dichtsmijten, dan wegenwerken die de route nogal bemoeilijkten, weeral lichten, pfftt….Over de luttele afstand van nog geen 3 km deed ik meer dan 12 minuten. Frustrerend!
Bij wijze van proef (of zelfkastijding) deed ik dan dezelfde rit natuurlijk ook in de andere richting (ah ja, want ik moet ’s avonds ook wel terug naar huis fietsen). Die wegenwerken die ik dan weer tegenkwam, zorgde in die richting zelfs voor levensgevaarlijke situaties, want ik moest gewoon recht de rijbaan op (niet evident, da’s de Ring rond Mechelen weetjewel). En ook weer al die lichten. Alleen die voetgangersbrug kon ik ontwijken door een toerke om te doen. Daarna weer de vaart af richting Boortmeerbeek en toen kon ik mijn verloren tijd weer een tikje inhalen. Omdat ik 31 km wou fietsen, ben ik dan nog een rondje Hever gaan doen alvorens weer naar huis te rijden. Uiteindelijk was ik na 1u28minuten weer thuis van m’n ritje. Nog geen 22 km/u gemiddeld dus.

Conclusies:
– fietsen is een zware sport, ik had echt het gevoel dat ik een stevige training had afgewerkt en dat deed goed! Uiteindelijk is dat ook mijn doel hé, als aanvullende training op m’n looptrainingen, om klaargestoomd te geraken voor de marathon van Zeeland.
– ik moet een andere route volgen om aan de Antwerpsesteenweg te geraken. Gezien het ontiegelijk vroege uur dat ik mijn ritje ga doen, ga ik dus gewoon dwars door Mechelen rijden, via de Bruul-Grote Markt en dan via de Frederik de Merodestraat. Slechts 2 lichten, geen verkeer en hopelijk ook geen voetgangers om kwart voor 7 ’s morgens;
– ook de route in Antwerpen moet ik nog eens bestuderen. Als ik gewoon de steenweg volg tot aan Berchem ga ik vanaf Kontich zo’n 15 lichten tegenkomen tot aan m’n werk. Als ik daar telkens 2 minuten mee verlies, ben ik nog een half uur langer onderweg. Dus nog eens goed Google Maps bestuderen. Tips zijn welkom! Mijn eindbestemming is de Desguinlei vlak over het zwembad.

De eerste expeditie staat gepland op 2 april. O jee.

 

doorgelopen

Het fietstoertje van donderdag had toch wel wat sporen nagelaten op vrijdag. Ik voelde spieren trekken die ik al lang niet meer gevoeld had, mijn lijf voelde stijf tot en met m’n armen en de poep deed toch ook wel wat pijn (ondanks de fietsbroek met zo’n zeemvellen pamper in). Voor mij teken dat ik er goed aan doe van terug eerst wat te oefenen alvorens de tocht naar en van het werk binnenkort eens effectief aan te vatten. Stel je voor dat ik ineens die 58 km vanuit het niets weer zou fietsen, dan loop ik drie dagen met mijn benen wijd uiteen van de poep-pijn.
Morgen ook eens binnenspringen bij de fietsenmaker hier in het dorp om te horen of hij Trekkie aan een groot onderhoud wil onderwerpen. Het trauma van mijn val in de juni 2009 is nog altijd niet verteerd, vrees ik (en dat lag dan niet aan een technisch mankement, maar als ik die risico’s al kan uitsluiten, ben ik toch al een beetje geruster).

Ondanks de stijve spieren toch mijn voornemen waargemaakt de vrijdagavond en met de club gaan trainen. Loopmaatje H. was er ook en ze zag het wel zitten om met mij een training van een klein uurtje te doen, zoals op m’n schema stond. Meestal kan H. ook goed mee qua tempo, maar deze keer liep ook P. met ons mee. Een oudere zeer lieve dame (ouder= tegen de 70), die voor haar leeftijd nog zeer goed loopt, maar qua tempo niet lang boven de 9 km/u kan volhouden. Het tempo dat ik moest lopen was 9,5 km/u en na 10 minuten merkte ik bij P dat het vat al af was. In de verte zag ik een sneller groepje lopen en na wat overleg met H. besloot zij bij P. te blijven en zette ik een versnelling in om de andere groep bij te halen. Die versnelling duurde bijna een kilometer, wou het nu ook niet op een sprintje zetten, maar zat toch heel de tijd aan zo’n 11,5 km/u. En vanaf dan liep ik in het gezelschap van 2 mannen (één ervan kende ik nog van de herfstjogging, hij fietste toen mee met mij en Luc) en een vrouw. Hun tempo lag zo tussen de 10 en 11 km/u, dus iets te snel volgens m’n schema, maar ja. Het liep zalig goed en ik had geen enkele moeite om erbij te blijven en zelfs nog een babbeltje te slaan. Na zo’n 45 min. sloegen twee van hen af richting club maar L. besloot nog een toerke aan te breien en ik ging met hem mee, gezien mijn uurtje nog niet vol was. Het werd nog een relaxed lusje tegen zo’n 10 km/u en zonder enig greintje vermoeidheid werd ik na een 57 min. galant thuis “afgedropt”….(tja, de loopclub is dan ook op 300 meter van m’n huis). Heerlijke training dus, en plezant om te merken dat ik zonder problemen met de “snellere” groep meekan (er is natuurlijk nog een véél snellere bende, maar die ga ik nu nog niet proberen bij te benen).

Gisteren dan toch maar een rustdagje ingelast, alhoewel de “solden doen” in Antwerpen moeilijk als rusten kan bestempeld worden. Never again! Maar dat zeg ik eigenlijk elke keer en toch laat ik me met iedere soldenronde weer vangen en duik ik er toch eens in…Het was dus hels, maar met veel moeite ben ik dan toch een paar laarsjes rijker geworden (en euros armer, boehoe). Gisteravond dan zoonlief afgedropt bij zijn oma en opa, zodat ventje en ik op de lappen konden (personeelsfeest van m’n vorige werk). We hadden ons voorgenomen van het niet te laat te maken, omdat ik vanmorgen (zondag dus) wou gaan trainen, we nog naar een woonbeurs gingen (ihkv nog toekomstige verbouwingen aan ons huisje) en dan natuurlijk ook nog wat tijd met zoonlief wilden doorbrengen. Tja, half drie was het vanmorgen, toen we ons bed weer zagen. Dus dat voornemen was niet gelukt. Het was gewoon véél te leuk op dat feest, ook zo tof om de ex-collega’s nog eens te zien natuurlijk.
Maar allé, vanmorgen dan om half 10 toch uit bed gerold en om 10u was ik de deur uit voor mijn “duurloopje”. 65 minuten in D1 was de opdracht en dat is vrij goed gelukt. D1-tempo is eigenlijk wel 8,5 km/u en het ging aan iets meer dan 9 km/u. Op 65 minuten had ik een kleine 10,2 km achter de kiezen, het ging heerlijk. Het dessert van vannacht lag nog wel op m’n maag en ook wat overtollige drank moest mijn lichaam nog verlaten, maar gelukkig was er een georganiseerde wandeltocht in onze buurgemeente Schiplaken en ik heb daar dan maar van de sanitaire voorzieningen van de parochiezaal gebruik gemaakt. Stond daar wel lekker te stinken tussen tientallen doorgewinterde wandelaars, maar zij zagen er eigenlijk even eigenaardig uit, als ik in mijn loopkledij, met hun wandeltenue volbehangen met badges van andere volbrachte wandeltochten, petje of hoed, overvol heuptasje, rugzak, wandelstok en dikke kousen tot aan de knieën en daarboven een kniebroek (terwijl het buiten amper 2°C was, dapper!), (oké, toegegeven, ik stel het iets te overdreven voor). Maar ze waren heel vriendelijk en uiteindelijk besloot ik dan ook maar een stukje parcours mee te lopen, tot bleek dat de tocht een compleet foute richting uitging en ik dus noodgedwongen toch moest keren, wou ik er niet ineens een duurloop van 20 km van maken…

Soit, heerlijk genieten dus, en uiteindelijk zijn de andere plannen ook nog gelukt hoor. We zijn naar de woonbeurs in Antwerpen gegaan (niet veel te zien), en daarna zoonlief gaan oppikken en nog even heel fijn mee gespeeld en lol gemaakt. Een ideale afsluiter van het weekend dus!

Volgende week “rustweekje” in aanloop naar de Natuurloop in Lier, editie 4!

back on Trek

Met het lentegevoel nog steeds in het achterhoofd, was de goesting om te sporten deze week eigenlijk amper te stuiten. Moest mijn lijf meewillen en er wat extra tijd beschikbaar  geweest zijn, ik had al elke dag de loopschoenen aangetrokken. Maar ik ben me er bewust van dat ik echt niet overmoedig mag worden. Zo af en toe protesteert er al wel eens een spiertje of pezeke en da’s genoeg voor mij om te beseffen dat de machinerie nog steeds met de nodige zorg en liefde moet aangepakt worden om niet in panne te vallen.

Dinsdag echter wel gaan lopen en toen stond er nog eens een heuse intervaltraining op de planning. 2 x 800, 600 en 400 meter met telkens een minuutje pauze ertussen. Het ging super. De versnellingen gingen telkens iets over de 12 km/u (dat was het streeftempo) en tussenin zakte de hartslag altijd goed tot rond de 130 à 135. Het grafiekske dat uit m’n Garmin rolde, leek wel een heuse bergetappe. Tijdens de versnellingen vloekte ik altijd wel als zot en telde ik de meters af naar het einde, maar uiteindelijk was ik na de ganse training eigenlijk helemaal niet moe. Maar ‘k zie mezelf nog altijd geen 10 km lang aan dat tempo lopen hoor.

Vandaag dan eens iets helemaal anders. Ik zat al een week lang uit te kijken naar dit momentje. Vandaag ging namelijk de dag zijn dat ik eindelijk nog eens mijn Trek van onder het stof zou halen en zou gaan fietsen. Van ’t weekend, met dat lentegevoel in mijn lijf, besefte ik plots dat ik het fietsen eigenlijk wel miste. En tot mijn eigen verbazing stelde ik ook vast dat het al dik 1,5 jaar geleden was dat ik met Trekkie gefietst had. Een viertal weken na de geboorte van Seppe heb ik er wel eens mee gefietst in afwachting dat ik terug mocht beginnen met lopen. En toen ik weer mocht (en kon) lopen, ging Trekkie aan de kant en sindsdien was het er niet meer van gekomen (wel eens met de zware stadsfiets op pad, met Seppe achterop, maar dus niet meer echt fietsen als training).

Vandaag had ik tijd om er eens terug werk van te maken, dankzij een namiddagje vrij en eventjes een beetje tijd voor mezelf tussen wat huishoudelijke taakjes door. Maar eerst nog een serieuze uitdaging: Trekkie weer berijdbaar krijgen. Niet alleen lag er een dikke laag stof op, ook de banden stonden zo plat als iets. De pomp was bij onze verhuis vorig jaar spoorloos verdwenen, dus was ik een nieuwke gaan halen. Maar blijkbaar een foute, want die nieuwe pompkes tegenwoordig zijn niet meer zo van die modellekes met een slangeske aan, maar van die rare dingen met enkel een gaatje en dan moet je dat op dat ventieltje duwen en dan aan een hendeltje trekken om het spel te blokkeren en….allé ja, you get the picture. Het gaatje pastte niet op het ventieltje en door mijn gewring en geduw hoorde ik ineens een krak en hops…daar lag ineens een stukje ventiel op de grond. Shit shit shit.Volgens mij was het universum ermee gemoeid. Ik had gisteren nl. tijdens de lunchpauze nog met collega B. erover bezig geweest over mijn fietsplannen en hij zei dat ik toch eens dringend moest leren om een band te vervangen, voor het geval ik eens plat zou rijden….Danku universum. Nu moest ik dus een band vervangen. ’t Was gelukkig de voorband, want zo’n achterwiel eraf halen met heel die versnellingsapparatuur…zoiets laat je beter niet aan mij over. Het lot wil dat ik ooit eens vooruitziend was en bij de aanschaf van de Trek destijds had ik me ook al een setje bandenlichters en een extra binnenband aangeschaft. Maar bibi had dus nog nooit een binnenband van een fiets vervangen dus het werd toch wel spannend. Met veel improvisatietalent, ongelooflijk hard gevloek, het nodige getrek en gesleur (buitenband lichten is toch niet zo makkelijk, wiel eraf krijgen ook niet en het erachter allemaal terug opkrijgen was ook weer een uitdaging van jewelste), is het toch gelukt. Oef! En in de berging ook nog een klassieke ouderwetse fietspomp (mét slangetje) gevonden en de banden opgepompt gekregen. Jiehaa, ik kon eindelijk vertrekken!

foto via http://www.green-wheels.org

En dan kon ik eindelijk vertrekken, begon het te regenen en de wind nam nog wat in kracht toe. Aaarrrgghhh….Maar allé,  van die weerfactoren heb ik me niets aangetrokken. De wind was hels met momenten, de regen was na een minuutje of twee alweer gedaan. Door de wind werd het direct wel een zware fietstraining, quasi intervaltraining eigenlijk (stukken rugwind waren dan heerlijke pauzemomenten). Uiteindelijk 40 minuutjes gebold en slechts 14 km afgelegd, dus nu niet direct een tempo om U tegen te zeggen. Maar ik heb dan ook echt geen fietsbenen meer en met die wind had ik soms het gevoel dat ik gewoon ter plaatse bleef trappen.

foto via http://getagripcycles.com

Ook moet Trekkie wel eens binnen bij de fietsenwinkel om alles terug goed te laten afstellen. Heb de volledige training op het grootste voorblad gereden, omdat de versnellingen dus wat haperen (te veel stof of zo vergaard zeker). De achterbladen schakelden gelukkig wel vlot, zodat ik het via die weg wel wat lichter of zwaarder kon maken afhankelijk van de omstandigheden.

En tot daar dus mijn eerste fietstraining van het jaar. Er zullen er nog veel volgen. Allé ja, da’s toch de bedoeling. Vanaf maart ongeveer, als het weer het toelaat, is het namelijk de bedoeling dat ik één keer per week naar het werk fiets. Da’s enkele richting een 29 km, heen en terug dus 58 km. Een goeie duurtraining dus. Met de marathon in het vooruitzicht is een vierde training per week wel een must, maar ik durf die niet al lopend te doen gelet op m’n blessuregevoeligheid. Een fietstraining als alternatief, lijkt me dus de beste optie en op deze manier train ik toch wat conditie, maar worden andere spieren tot de actie geroepen. Hopelijk lukt het me zo om blessurevrij te blijven.

En om die reden begin ik dus nu alvast af en toe eens de fietsbenen wat wakker te schudden. Ook ben ik al een goeie rugzak gaan kopen, om mijn werkspulletjes in te steken (kledij en douchegerief kan ik op het werk kwijt in een locker, dus da’s geen probleem). Die rugzak had ik vandaag aan en ik heb hem niet gevoeld. Op een bepaald moment zelfs even gecheckt of ik hem nu echt wel bij had 🙂 Voor de geïnteresseerden, het werd de Deuter Cross Bike 18 rugzak, die ik met een serieuze korting op de kop heb kunnen tikken bij A.S. Adventure. Een handige compacte rugzak met toch heel wat ruimte binnenin, zelfs een apart vakje om natte kledij of zo in te stoppen en een ingewerkte fluo-gele regenhoes om de rugzak te beschermen bij natte omstandigheden of om je wat extra in het vizier te werken als het nog donker is buiten.Blij ermee dus 🙂

Morgenavond nog eens met de club gaan trainen. Da’s ook al een eeuwigheid geleden, maar in de winter loop ik echt niet graag ’s avonds in het donker. Als het donker buiten is, wil mijn lijf altijd maar gaan slapen 🙂 Maar ‘k ga het toch nog eens proberen morgen 🙂