Gedaan met lui zijn

De vakantieperiode heeft een beetje zijn sporen nagelaten: 3 kg erbij (oeps) en wat luiheid in de benen. Ik ben wel blijven lopen, maar het ritme ontbrak. Een zoon die niet naar school moest en van hot naar her gebracht moest worden. Ondertussen ook wel moeten gaan werken (ik heb geen 8 weken vakantie helaas) met hier en daar gelukkig wel nog wat snipperdagen waarbij ik onze 7-jarige onder m’n hoede had. Het is een paar keer voorgevallen dat ik om 6u ’s morgens met slaperige ogen en wankele benen de deur al achter me toesloeg om een uurtje training te verwerken. Achteraf was ik dan blij dat ik die moeite gedaan had, maar geloof me…het kostte me veel moeite en ik vermijd zo’n scenario’s toch liever.

Herpakken

Ik moet me dus dringend herpakken. Nog maar 7 weken te gaan tot de marathon van Zeeland en ik voel me zeker niet getraind momenteel. Vorig weekend liep ik een eerste echte deftige duurloop van 21,5 km. Amper de helft van een marathon, maar het liep vlot. Oef. In de week probeer ik 2 tot 3 trainingen in te plannen, maar het blijft toch wat puzzelen. Ik vrees volgende week weer eens een vroege editie om 6u ’s morgens (en ben me daar nu alvast mentaal op aan het voorbereiden).

Ook dat gewicht moet weer terug omlaag. De succesvolle 5:2-methode die ik vorig jaar startte en waar ik op korte tijd 7 kg mee kwijtraakte, ga ik weer terug op de juiste manier volgen. Ik hanteerde die methode wel continu de voorbije maanden maar gunde mezelf wat te veel speling waardoor stiekem toch die kilootjes er weer bijgekomen zijn (vooral door onze Bourgondische uitspattingen op vakantie in Frankrijk en Venetië) .

giphy (2)

Mannekenpistrail

Om toch die marathon van Zeeland een serieuze kans te geven, loop ik volgende week nog eens leuke trail mee: de Mannekenpistrail in Geraardsbergen. Er staat me daar zo’n 25 km met een kleine 400 hoogtemeters te wachten. Ideaal als training voor Zeeland.

Ondanks de naam van de trail, ga ik dit ventje trouwens niet te zien krijgen.

Manneken_Pis_Brussels

Wat dan wel: enkele ferme bossen, de beroemde Muur van Geraardsbergen en veel mooie natuur. Daar doen we het voor. Een fijne manier om lange trainingen in aanloop naar de marathon te doen en te genieten. En als ik deze 25 km vlot kan bedwingen, stijgt hopelijk m’n vertrouwen een beetje om met volle moed verder te trainen voor Zeeland.

journeyjoy

 

 

Vacance en France – editie 2017

Dat het hier even stil was, lag gewoon aan tijdsgebrek om veel op het internet actief te zijn. Na de Great Breweries had ik nog twee razend drukke werkweken voor de boeg en vervolgens twee weken vakantie! Ik wou op vakantie wel bloggen, maar een falende wifi-verbinding met de laptop stak roet in het eten (ondertussen blijkt die wifi-toepassing op mijn laptop echt compleet naar de vaantjes en zit ik hier old school met een laptop geconnecteerd aan een kabeltje te werken). Dus het werd even wat stil op deze blog, maar kijk…daar breng ik nu verandering in!

Vacance en France!

We zijn dus op verlof geweest, alweer naar Frankrijk. Laat het ons er gewoon op houden dat we dat een makkelijk land vinden om naartoe te trekken. Met de auto te doen, zodat we al ons gerief makkelijk mee kunnen nemen. En ’t staat er vol met campings dus elk jaar vinden we wel ééntje naar ons goesting. We zoeken meestal de Atlantische kant uit en zijn ooit (toen mini-me er nog niet was) gestart met Normandië, vervolgens gingen we naar Bretagne en elk jaar ging het wat zuidelijker en dit jaar zaten we zo bijna bij Spanje.

Les Landes was de regio, het plaatsje heette Lit-et-Mixe – wat uiteindelijk niet letterlijk vertaald mocht worden als ‘bed-en-meng’ maar de Lit staat voor Littoral en de Mixe voor euh, geen idee, en blijkbaar zijn beide dorpjes gewoon eens gefusioneerd en kwam de ‘et’ ertussen te staan.

Onze camping fungeerde als uitvalsbasis voor talloze uitstapjes, zoals naar Bordeaux, Biarritz, San Sebastian (in Spanje) en Bayonne. En daarnaast natuurlijk de typische vakantiedingen zoals eens naar het strand, bootje gaan varen, luieren enz…Genieten dus.

Courir en France!

Natuurlijk gingen de loopschoenen mee, wat dacht je nu. Om de andere dag (maandag, woensdag, vrijdag) probeerde ik effe door te bijten en wat vroeger op te staan om te gaan joggen. Vlakbij de camping startten er twee fietspaden, eentje richting strand (9 km enkele richting, zo ver h/t heb ik me niet gewaagd), de andere 5 km richting het slaapdorpje van letterlijk één straat groot – Uza (gelijk het Antwerps ziekenhuis). Op zich dus wel heel veilig maar ook wel saai, want het was dus een heen-en-weer-route ook al ging het dwars door de grote pijnboomwouden.

fiets
Op weg naar Uza, vroeg in de ochtend met nog wat ochtendmist erbij

Waarom dan niet in die wouden gaan lopen? Dat was natuurlijk mijn aanvankelijk plan, maar die bossen bleken ontoegankelijk: de ganse bodem was bedekt met een metershoge begroeiing van varens, struiken en kleine boompjes, waar geen doorkomen aan was zonder ongevallen te begaan. Daarnaast waren al die varen-planten één groot paradijs voor teken-kolonies, waar ik met mijn Lyme-historie enorm veel schrik van heb.

Uiteindelijk ontdekte ik op één van mijn expedities wel een klein uitgezet parcours op zo’n 4,5 km van de camping en die heb ik dan wel 2 x gedaan wat wel tof was. En tijdens mijn laatste toertje (op mijn verjaardag nota bene) kreeg ik een heel circus als supporter aan de kant, met een kameel als toemaatje.

kameel
een kameel langs de weg, want waarom ook niet hé

Chercher en France!

Mijn eerste loopje ter plekke werd al direct gevolgd door een zoektocht van jewelste. Ik had mijn identiteitskaart in het zakje van m’n handheld-drinkbus gestoken. Daarbij vergat ik iets cruciaals: dat zakje sluiten. Drie keer raden…

giphy (1)

Toen ik na 7 km weer aan de camping stond, was mijn identiteitskaart verdwenen. Ik dus terug op pad, op zoek naar die kaart. Na dik 1,5 km kwam ik wandelaars tegen en ik vroeg hen of ze m’n id gevonden had. Helaas dus niet en ze zeiden me tot waar ze geweest waren, dus moest ik alvast dat volgende stuk niet meer coveren. Dan terug naar de camping (lekker weer dik 3 km op de teller, alle nadeel heb z’n voordeel) en met de auto samen met man- en zoonlief naar het tweede stuk van m’n parcours gereden om daar met z’n drietjes te gaan zoeken. Niks te vinden. Grrr….beetje paniek, gezien we wel van plan waren een uitstapje naar Spanje te ondernemen en dan is een id wel wenselijk om op zak te hebben. Gelukkig kreeg ik toen een geweldige ingeving: er was daar nog wel een andere camping vlakbij, dus besloot ik daar even te gaan vragen of er iemand een id was komen binnenbrengen. Hallelujah! Een wandelaar had mijn id gevonden en daar binnengebracht. Ik kon wel huilen van geluk!

Een ezel stoot zich geen twee keer, dus heb ik de keren erop een papiertje met mijn naam en verblijfplaats en telefoonnr van manlief erop genoteerd in dat zakje gestoken (je weet maar nooit dat me iets overkomt op zo’n tripjes ’s morgens vroeg). Je bent nooit te oud om bij te leren zeker.

Het is nog niet gedaan

De trainingen zullen de komende week nog wel wat ongepland verlopen, want er komt nog een citytripje Venetië aan ook. Zonder zoonlief, want die gaat op scoutskamp. Even ertussenuit onder ons tweetjes. En ik neem deze keer geen loopschoenen mee, er zullen al wel genoeg wandelkilometers afgelegd worden.

 

 

 

The one and only

Het leven kabbelt rustig voort ten huize Onehappyjogger, ware het niet dat er elk weekend de nodige gezinsdrukte gepland stond en de komende weken nog gepland staat. Tijd om te bloggen is dan met momenten ver te zoeken. Maar kijk, ik waag me er vandaag nog eens aan.

Naast (familie-)etentjes, uitstapjes en allerhande druk gedoe, blijf ik dapper trainen. Hoe het weeral in mij opkwam om over minder dan een maand een marathon te lopen, wie zal het zeggen. Af en toe vervloek ik mezelf dat ik dat besluit nam (maar geen nood, op andere momenten kijk ik er ook ongelooflijk naar uit). Ook al ben ik niet van plan serieus potten te breken op de Great Breweries Marathon, ik wil er ook geen mal figuur slaan en de helft van die 42,195 km moeten wandelen. Dus deed ik afgelopen zondag de enige dertiger die ik voor deze marathon kon en zou trainen.

slecht moment

Wat ik niet had ingecalculeerd: de avond voor die extra lange training stond er een familie-etentje gepland voor schoonpapa zijn verjaardag. Zo’n all-you-can-eat-wok-restaurant. Het was superlekker, maar resulteerde ook in complete overdaad. De volgende ochtend rolde ik letterlijk om 7u uit bed om een uurtje later op stap te trekken. Ik had er best wel zin in, ware het niet dat mijn spijsvertering nog compleet overhoop lag. Ik kan je garanderen: da’s niet plezant!

Ik had een lange route uitgestippeld (dezelfde die ik begin maart al eens liep ter voorbereiding van de marathon van Rotterdam), een mooie toer die me langsheen dorpjes met hyperkorte namen leidde (Perk en Berg), maar me ook langs bloemige weilanden in Vilvoorde liet passeren (zie foto bovenaan) en via Elewijt en Schiplaken weer naar huis leidde. Onderweg was het dus de buikpijn met momenten wat verbijten en ik was letterlijk door het dolle heen toen ik in Elewijt langs de start van een georganiseerde wandeltocht passeerde en daar in de cafetaria van de sporthal even van de sanitaire voorzieningen kon profiteren. Pfew! Van daaruit was het nog 9 km huiswaarts en na een goeie 30 km stond ik weer aan mijn voordeur. Opdracht geslaagd, de one and only 30’er in the pocket!

IMG_1952
schietgebedje doen onderwerg in Perk

20 km van Brussel

Volgende zondag staat er een uitdaging van een ander kaliber op de planning. Ten eerste op een doods uur op zondagochtend met de trein vanuit Boortmeerbeek in Brussel geraken. Dat wordt al een uitdaging. Dan daar een schoolgebouw in een compleet onbekende buurt vinden waar we onthaald worden door de toffe bende van Dokters van de Wereld. Samen met wat collega’s ga ik dan de 20 km van Brussel in tropische temperaturen tot 32°C lopen. En we mogen van de organisatie geen camelbak of ander type drankrugzakje meenemen….want in zo’n mini-rugzakje met waterzak kan je blijkbaar ook bommen en een kalashnikov kwijt. Aiai. Gelukkig heb ik mijn handheld-drinkfles waar een halve liter water in kan. Zeker onvoldoende met zo’n hitte. Hopelijk wordt er voldoende bevoorrading voorzien en het zal met die massa mensen ook wel drummen worden aan de drankposten. Spannend! Ik ga alleszins niet voor een supertijd, maar wel voor gezond uitlopen gelet op de omstandigheden.

 

Als het kriebelt…

Een kleine twee weken geleden schreef ik al dat ik nu al zin had in een volgende marathon. En het bleef maar kriebelen. Ik wilde echt niet nog een half jaar wachten tot de Kustmarathon van Zeeland. De marathon van Antwerpen lukte echt niet, maar ik zag op diverse plekken en onder enkele loopvriendjes ook heel veel buzz opduiken over de Great Breweries Marathon in juni, met start en finish aan de Duvel-brouwerij in Puurs.

De gezinsagenda er eens bijgenomen, die de komende weken eigenlijk overvol staat (zelfs de 20 km van Brussel moet ik er proberen rap rap tussen te wringen). Maar kijk: de enige vrije zondag die nog overbleef tussen nu en onze vakantie is toch wel zondag 18 juni zeker – de dag van de Great Breweries. Hoera! Bij clubgenoot K. klopte ik snel aan om een lift voor die dag te regelen (hij loopt er ook mee), manlief kunnen overtuigen met een bierpakket (want dat krijgen de deelnemers als prijs mee) en toch ook maar even groen licht gevraagd bij Coach Tiny (en het werd groen!) en dan… tja…geen excuus meer, gewoon inschrijven! Dat je bij de inschrijving ook nog eens een Hart voor ALS kan steunen, motiveerde me nog extra. Natuurlijk doneerde ik dat kleine beetje extra.

Doelen bijstellen

De 20 km van Brussel wordt bijgevolg wel een goeie trainingsloop en geen wedstrijd waarin ik voluit zal gaan. En echt veel lange duurlopen krijg ik de komende weken niet ingepland. Het doel van de Great Breweries is geen nieuw PR, laat dat duidelijk wezen. Bedoeling is van in gezelschap te lopen en gezellig te babbelen. De basisconditie is er en op een rustig tempo en aan een gecontroleerde hartslag zal het wel lukken.

weer wat langer

Op mijn schema stonden voor deze periode geen superlange trainingen, want mijn doel was de 20 km van Brussel. Maar het groene licht van Tiny ging ook gepaard met de melding dat het op zondagen in mei dan ook wel weer wat langer mag. Tot 2,5 uur krijg ik alleszins wel ingepland en ik ga toch één dertiger proberen (dat wordt dan wel eens supervroeg opstaan, een mens moet er iets voor over hebben). De goesting is er, het zou jammer zijn aan die lokroep geen gevolg te geven.

Vanmorgen liep ik alvast 2u16min bij elkaar, goed voor 21,6 km. Zonder problemen, zonder pijntjes. Alvast mentaal een opsteker. De weg naar den Duvel is ingezet!

beerruns

Op weg naar Brussel

Zo, de marathon is helemaal verteerd. Het herstellen ging vlotter dan verwacht. In ons vakantiehuisje hadden we zo’n akelige draaitrap en toen ik daar op zondagavond na de marathon naar keek was dat met een onbehaaglijk gevoel. De vrees bekroop me dat ik de volgende ochtend nooit meer beneden zou geraken (en de badkamer bevond zich wel beneden, ai). Paniek voor niks bleek, ik geraakte zonder moeite de trap af. Moest zelfs niet op m’n achterwerk gaan zitten of achterstevoren trapje per trapje naar beneden schuifelen. Het viel dus wel mee met die stijfheid. Waar ik wel last van had was vermoeidheid. Een doodmoe gevoel over heel mijn lijf. Vermoedelijk het effect van de warmte dat toch stevig had ingehakt op mijn systeem. Die vermoeidheid is enkele dagen blijven hangen, maar hé…we waren met vakantie, niks moest! Lekker rusten dus. Dinsdag hebben we fietsen gehuurd en heb ik welgeteld 13 km rustig getrapt. Manlief had daar niet genoeg mee, dus die heeft nog wat extra kilometers gedaan, terwijl ik weer met mijn benen omhoog ging.

vlot hersteld

Dat rusten was ik na drie dagen wel weer beu, dus donderdagmorgen trok ik eindelijk mijn loopschoenen weer aan voor een herstelloopje. Eventjes de dijk aan het Grevelingenmeer wat op en af en dan heel onze Landal doorkruist, tot ik na exact 5 km weer aan het vakantiehuisje stond. Dat ging zonder moeite. Dus vanaf zaterdag, een kleine week na de marathon, maar gewoon het trainingsregime weer wat opgepikt. Vanmorgen was dat weer 1,5 uur en vanaf volgende week gaan we weer stilaan richting de 2 uur in het weekend.

20 km van Brussel voor Dokters van de Wereld

Nadeel van zo vlot te herstellen is dat overmoed dan om de hoek komt luren. Zo doen er wel wat vriendjes mee aan de marathon van Antwerpen op zondag de 23e april. Natuurlijk begon het bij mij ook te jeuken. Nu ben ik zelf van Antwerpen en ken ik het parcours wel goed genoeg om te weten dat het absoluut niks voor mij is. Maar toch…het jeukte. Gelukkig had manlief dit weekend eivol gepland en is een dagje marathon er niet bij te proppen. Dus geen marathon van Antwerpen en mijn lijf zal dankbaar zijn. Want overmoed schaadt (lees: blessures) en ik heb een belangrijker doel te lopen eind mei.

Zondag 28 mei loop ik met heel wat collega’s de 20 van Brussel mee en dat doen we voor een goed doel, Dokters van de Wereld. Deze ngo zorgt voor medische hulpverlening aan de allerarmsten in onze maatschappij, onder meer door rond te rijden met een ‘medibus’ en door zorgcentra uit te baten in Antwerpen en Brussel. Een nobel doel dus, en toen het voorstel van m’n werkgever kwam om mee te doen, twijfelde ik geen seconde.

dokters

Ondertussen heb ik al wat centjes ingezameld, maar alle beetjes extra helpen! Dus als je Dokters van de Wereld én mezelf een extra steuntje in de rug wil geven, dan kan dat via deze weg. Elke euro wordt integraal besteed aan de initiatieven in België.

groepstraining

Het leuke aan zo gezamenlijk naar een doel toewerken is dat je plots op je werk gelijkstemde zielen ontmoet die je voordien nog niet kende. Zo werd er vorige week in ons kantoor in Brussel een groepstraining georganiseerd en leerde ik weer wat collega’s (van andere departementen) kennen die ook gebeten zijn door het loopvirus. We kregen daarbij ook nog het enthousiaste gezelschap van enkele mensen van Dokters van de Wereld zelf, dus dat werd een gezellige boel. Voor ik het wist had ik zo onder mijn middagpauze 11 km bijeengelopen in het Warandepark. Heel fijn!

Het doel is duidelijk: eind mei 20 km over de heuveltjes in Brussel lopen. Geen zotte kuren tussendoor dus. Dat ze morgen daar maar doen in Antwerpen, ik hou me lekker lui aan de kant ondertussen.

 

 

 

 

’t Zit er op (oef)

Typisch aan een marathonvoorbereiding is dat er op een bepaald moment wat trainingsmoeheid kan optreden. Dat punt heb ik nu bereikt. Maar geen paniek, het hoort erbij. Het is wel een probleem als die moeheid al optreedt een zestal weken voor de marathon. Maar bij mij komt het op het meest ideale moment denkbaar: twee weken voor de marathon. Gelukkig mag ik nu ‘stoppen’ met trainen en beginnen taperen, ofte mijn lichaam weer tot rust brengen zodat ik over twee weken volledig los kan gaan.

De laatste lange

Vandaag stond de laatste ‘lange’ op het schema. Normaal moest ik nog drie uur m’n spieren geselen, maar dat is net niet gelukt. Ik was te moe. Niet alleen de overgang naar het zomeruur hakte er wat in vanmorgen, ik lag er ook nogal laat in vannacht na een gezellig avondje uit met wat wijn en ongezonde snacks. Die combinatie lag stevig op m’n maag vanmorgen met als extra sauske de vermoeidheid en het vroege uur en tja…het liep niet lekker. Bah. Gelukkig moest het allemaal niet zo strikt vandaag.

Na acht kilometer harken kwam ik gelukkig m’n clubgenoten tegen in ’t Domein van Hofstade en had ik al snel een babbel aan K. die me tien kilometer lang vergezelde doorheen het Domein. Daarna nog een zevental kilometer naar huis hobbelen en kijk…ik had er toch mooi 25 km opzitten, in zo’n 2u40 minuten. Dus toch bijna die drie uur gehaald, een goeie afsluiter voor deze intense trainingsperiode.

Nu dus twee weken uitbollen. Natuurlijk blijf ik wel lopen, maar qua kilometers neem ik stevig wat gas terug, kwestie van goed uitgerust in Rotterdam aan de start te staan op 9 april. Nu op dit moment kijk ik uit naar die twee weken ‘rust’, maar elke marathonloper weet ook dat over een weekje ik in de taperinghel zal beland zijn en dus niet te genieten zal zijn. Toch leuk hé, dat marathonlopen…

taperingrunner

Het wordt serieus

9 maart 2017 is gepasseerd. Dat wil zeggen: nog minder dan een maand te gaan tot de marathon van Rotterdam! Hoog tijd om het onderste uit de kan te halen en te trainen. De zwaarste trainingsweken zijn daar. Vorige week liep ik al ‘per ongeluk’ die eerste 30’er (lopersjargon om een +30 km-training te benoemen). Deze zondag stond er echt zo eentje gepland. En dat na een trainingsweek met al heel wat kilometers en een snelheidstraining erbovenop. Dat tikt aan!

Fietsknooppunten

Via fietsnet.be had ik op voorhand al een route uitgestippeld doorheen het Vlaams-Brabantse landschap. Handig die website. Je zoekt je startpunt en klikt vervolgens op de kaart op de nummers die je wilt volgen. De tool berekent automatisch het aantal kilometers. Vervolgens kan je dat als gpx exporteren (en op je gps-horloge zetten, als je hier een navigatie-optie in hebt), en ook als pdf om eventueel uit te printen.

Zo had ik me dus een mooie route uitgestippeld vanuit Boortmeerbeek (waar ik woon) naar de dorpen Berg, Perk, Elewijt en via buurdorp Schiplaken zou ik uiteindelijk weer thuis belanden. Goed voor 31 km. Olé.

Opdracht geslaagd

Om 8u30 zondagmorgen trok ik op pad. Het was nog een beetje frisjes maar de zon deed al flink zijn best. Bedoeling was om op hartslag te lopen en deze zo lang mogelijk onder de 140 te houden. Dat bleek een makkie. In het begin had de koude wat effect maar na een uurtje zat ik nog altijd vlotjes onder de 135 en dat kon ik tot zowat 4 km voor het einde volhouden.

De tocht was afwisselend, af en toe wat wijken doorkruisend, maar ook door weidse landschappen, langsheen velden en verlaten weggetjes. Na 16 km probeerde een aardappel-automaat me te verleiden tot een aankoop, zonder succes. (eerlijk gezegd: zoiets had ik nu nog nooit gezien. Je komt nogal wat tegen op zo’n lange zwerftocht…).

IMG_1748

De laatste kilometers begon vermoeidheid me wat parten te spelen. Ook niet zo abnormaal na al een pittige trainingsweek, een drukke werkweek en de avond ervoor nog een avondje uit ook. Maar al bij al viel het nog mee en op het einde – na 3u15 trainen – was het nu ook niet zo dat ik als een pudding in elkaar zakte. In de namiddag ben ik nog volop in de weer geweest en om 22u ’s avonds zakte ik dan effectief als een pudding in elkaar om vervolgens 8,5 uur lang compleet in comateuze toestand in mijn bed te liggen.

Nog 2 weken

De komende week staan er weer wat kilometers op de planning met als topper volgende zondag de Trail de la Primavera. 30 km op en neer hobbelen in de Ardennen, niet alleen om kilometers af te leggen maar ook wat extra kracht te trainen. Daarna mag ik stilaan beginnen uitbollen , maar ook niet direct te drastisch. Dat drastisch afbouwen is pas vanaf 27 maart voorzien en ik denk dat ik daar tegen dan ook wel volop naar uit aan het kijken zal zijn. Om dan vervolgens te ‘knallen’ (relatief) op 9 april!

De helse weken

Na de wake-up-call van vorige week heb ik mijn trainingen wat rustiger aangepakt. Braafjes pakte ik elke training mijn hartslagmeter erbij en hield ik een beetje de pas in om m’n hartslag wat lager te houden. Dat ging verbazingwekkend goed. Het tempo viel zelfs vrij goed mee. Ik vreesde dat ik op dat vlak serieus zou moeten gaan inboeten, maar eigenlijk zit er maar een tiental seconden verschil op tegenover de tempo’s die ik de voorbije weken deed. Geen ramp dus.

Nog een maand

Op 9 april is het van dat: de marathon van Rotterdam. Dat wil zeggen dat de ‘helse weken’ begonnen zijn. Trainen, trainen, trainen. Kilometers vreten! Deze week eindigde ik op net geen 59 km, in 4 trainingen. Per ongeluk zat daar vandaag mijn eerste 30’er bij.

Samen met clubgenoot Kristof liep ik een wandeltocht in Kampenhout. Een superfijne tocht, met veel afwisseling en zelfs wat trailstukjes, doorheen modderige weilanden en stukken bos. Toen we deze training planden, stond op marching.be dat de langste afstand 28 km was. Ideaal voor de 2u50 die vandaag op m’n planning stond. Maar gisteren zag ik dat die afstand gewijzigd was naar 29 km en toen we hem vandaag dan ook echt liepen, eindigden we met 30,4 km op de teller. Toegegeven, voor ons mentale welzijn in aanloop naar de marathon wel een ferme opsteker!

kampenhout

Goed gevoel

De eerste 30’er zit er dus al op. Het liep fantastisch goed. De eerste 18 km zat mijn hartslaggemiddelde op 132. Daarna begon de wind wat op te steken en ging het een tikje omhoog, maar tot km 25 kon ik mijn hartslag wel onder de 140 houden. Daarna ging de wind voluit en ging het nog een tikje omhoog, maar eenmaal de wind in de rug ging ie ook weer 10 slagen naar beneden. Na die dik 30 km had ik wel een klein beetje last van vermoeide benen, maar echt moe was ik niet en had het gevoel gerust nog een uurtje te kunnen doorgaan. Nu enkele uren later voel ik geen greintje spierpijn. Zalig.

Het geeft volop vertrouwen voor de komende weken. Die beloven nog pittig te worden. Je moet er dan ook iets voor over hebben, voor zo’n marathon.

 

 

Iets te enthousiast bezig

Het is al een rustig weekje geweest. Daar zat Thomas de Storm voor iets tussen, maar ook een afspraak die ik vandaag (vrijdag) had voor een lactaattest. Voor zo’n test mag je de dagen voordien geen al te gekke dingen doen. Kwam die storm dus toch wel mooi op het juiste moment! Twee excuses om het eens rustig aan te doen. Enkel dinsdag deed ik een rustig herstelloopje van zo’n 9 km en dat ging vlotjes, zo twee dagen na de Charlepoeng Trail.

Algehele doorlichting

Die lactaattest dus. In maart 2015 deed ik dat een allereerste keer. Ik trok toen naar Fitlab Nottebohm in Brecht, omwille van de goeie ervaringen daar van andere loopvriendjes. Het was toen een heel leerrijke ervaring. Zo ontdekten ze er dat mijn longcapaciteit ondermaats is en dat ik een lichte vorm van astma heb. Een eye-opener, want het verklaarde waarom ik na 15 jaar lopen nog altijd zo traag als een slak was.

Nu twee jaar later leek het me een goed idee om nog eens te gaan testen, om te zien of mijn hartslagzones nog altijd goed zitten en of ik gewoon in ’t algemeen wel goed bezig ben.

Het onderzoek in Fitlab is grondig. Er komt een cardioloog en sportadviseur bij te pas, ze nemen een ECG in rust en in actie, een hart-echo, je bloed wordt afgenomen voor verder onderzoek (dat is vrijwillig, maar kan m.i. nooit kwaad) en je wordt langs alle kanten gemeten, gewogen en op lenigheid getest.

Op enkele fronten scoorde ik beter dan twee jaar geleden: ik ben 6 cm in heupomvang verminderd (en ook ettelijke kilo’s vermagerd) en ben een tikje leniger (dat dagelijks stretchen helpt dus wel degelijk). Qua vetpercentage blijf ik wel status quo, maar zit ik niet in een rode zone of zo. Nog twee kilootjes eraf en ik zit op mijn perfecte marathongewicht. We weten wat doen.

Mijn longen zijn er nog altijd even desastreus aan toe als twee jaar geleden, geen verbetering maar ook geen verslechtering. Dat merkte ik zelf ook al wel. Maar omdat ik er al zo lang mee leef, gebruik ik ze wel zo optimaal als mogelijk en de cardioloog stelde me ook nu weer gerust. Gewoon goed op letten, niet te snel (willen) gaan en dan kan er niets gebeuren.

Lactaattest

Na alle vooronderzoekjes moest ik de loopband op. Normaalgezien krijg je dan, naast een hele resem kabels om je ECG in actie te nemen, een monsterlijk mondmasker op om tijdens het lopen de Vo2-Max te meten. Twee jaar geleden kreeg ik door dat ding een stevige paniekaanval omdat ik in ademnood kwam. Daardoor was de test niet echt 100% gelukt. Bij het zien van die maskers bekroop me vandaag weer dat beangstigend gevoel. Na overleg met de cardioloog en de sportadviseur besloten we de test te doen zonder het masker. Geen Vo2-meting dus, maar ik kwam vooral voor mijn hartslagwaarden en melkzuurmeting, dus echt erg vond ik dat niet. Ik weet zo ook al wel dat mijn zuurstofopname niet optimaal is.

Doordat ik al een pak relaxter was omdat ik geen masker op moest, verliep de looptest heel goed en kon ik volledig maximaal gaan. Ik klokte af op een maximale snelheid van 13,5 km/u (in 2015 haalde ik nipt 12 km/u) met een lactaatgehalte van bijna 9 mmol. Mijn omslagpunt lag op 179.

De resultaten leken dus best wel goed zo op het eerste zicht. En dat werd bevestigd door de sportadviseur. Ik kan alleszins wel meer aan dan twee jaar geleden en kan sneller en dieper gaan.

Maar de grafiek van het lactaatgehalte was eigenlijk niet zo heel positief. Ik ga al heel snel over de anaerobe-drempel heen, waardoor ik dus snel richting verzuring ga. Voor korte afstanden is dat allemaal niet zo’n probleem, maar als je voor een marathon traint is het niet zo gezond als je meer dan 30 km in het rood loopt. Op dat vlak scoorde ik wel wat slechter dan twee jaar geleden.

blogtest

Te enthousast

Oorzaak van dit verval? Gewoon te enthousiast aan het trainen aan een te snel tempo. Dat heb je dus als het gevoel al weken en weken goed zit…die hartslagmeter belandt ergens in een hoekje en de trainingen gaan ‘op gevoel’. De voorbije weken trainde ik heel vaak aan tempo’s van meer dan 10 km/u, tot tegen 11 km/u aan, ook op dagen dat het eigenlijk wat rustiger moest. Maar hey…het gevoel zit goed, dus wat is het probleem, zou je zeggen? De valkuil is dan dat je onbewust roofbouw begint te plegen op je lichaam. Zonder het te beseffen was ik beetje bij beetje mijn basisuithouding aan het verknoeien, door altijd te snel te gaan.

easy2Even een stapje terug dus. De komende weken in aanloop naar de marathon moet ik terug wat meer in zone 1 trainen, om mijn basisuithouding te herstellen. Eén keertje per week mag ik natuurlijk wel snelheidstrainingen doen, maar ook dit in de juiste hartslagzones. Een beetje inhouden om daar op 9 april volop de vruchten van te plukken. De marathon zelf doe ik dan best in hartslagzone 2 en dan wordt het een succes. Welke eindtijd? Who cares…

Bij thuiskomst deze namiddag trok ik direct enthousiast (oeps) mijn loopschoenen weer aan voor een fijn rondje van 10 km. Mét hartslagmeter en mooi binnen zone 1 gebleven. Wat ben ik toch een brave leerling…

Ook interesse in zo’n grondige doorlichting en lactaattesten? Meer info vind je op de website van Fitlab.

 

 

Opbouwen!

Nog iets minder dan twee maanden te gaan voor de marathon van Rotterdam. Op Facebook volg ik een groepje met allemaal deelnemers aan deze marathon. Tot mijn verbazing zie ik daar heel wat leden al duurlopen van 30 km doen, nu al. Zo ver ben ik nog niet. Wat voor zin zou dat ook hebben? Als ik nu al wekelijks een dertiger zou doen, ben ik uitgeput en geblesseerd tegen 9 april. Nee, die valkuil, daar trap ik al lang niet meer in. De eerste helft van maart is nog ruim op tijd om een drietal keer tegen de 30 km aan te tikken. Pas dan is die extra trainingsprikkel ook pas nodig om klaar te geraken voor de marathon. Dat is toch mijn ervaring…

Drie weken 

De Aalter-trail was de eerste deftige lange training in januari. Daarna volgde een weekje ‘rust’ en vorige week zondag ging week 1 van drie weken opbouwen in. Die dag liep ik 23 km rustig op m’n eentje. Nog steeds met versleten steunzolen en dat voelde ik wel in mijn heup en hamstrings. Maar gelukkig niet zodanig dat het lopen me niet afging, integendeel. Na die 23 km was ik niet noemenswaardig moe en in de namiddag ben ik nog met het gezinnetje wat gaan wandelen.

Die duurloop ging voor een keer eens helemaal een andere richting uit dan ik gewoon ben. Via het fietsknooppuntennetwerk had ik een route uitgestippeld die me naar Haacht en Wespelaar bracht. Er waren wel een paar saaie stukjes in, maar toch ook wel wat afwisseling om de training vrij vlot te laten verlopen. Onderweg zag ik twee wilde hertjes dartelend in een weide, ik slaagde erin een ietwat vage foto te maken. Ik was niet alleen daarmee, een mountainbiker wipte ook spontaan van zijn fiets om een foto te maken en we moesten er samen even om lachen.

Vandaag dan week 2 en het werd maar een tikje langer. Dat komt omdat de training van vorige week eigenlijk al een beetje te lang was geworden. Dit keer wel weer gewoon naar m’n getrouwe Domein van Hofstade (de foto bovenaan dit artikel trok ik daar vanmorgen). Daar met een hele bende Heidejoggers 10 km samen gelopen en dan weer naar huis. Na 24,3 km was ik weer aan m’n deur, wreed content. Deze keer had ik wel mijn nieuwe steunzolen in. Vrijdag droeg ik ze een eerste keer voor een uurtje loslopen. Dat was stevig wennen. Twee robuuste steunblokken onder m’n voetzolen die dat al een hele tijd niet meer gewend waren , dat pikte. Het is me nu echt wel duidelijk dat m’n vorige steunzolen compleet versleten waren en niks steun meer boden.

Bijna blarenleed

Vanmorgen had ik dus als voorzorg goed mijn voeten ingewreven met anti-frictie-zalf en daar heb ik geen spijt van gehad. Na een uurtje begon de wrijving de kop op te steken en had ik het gevoel dat er zich blaren aan het vormen waren. Een typisch verschijnsel bij het inlopen van nieuwe steunzolen. Die dingen moeten zich toch wat naar je voet zetten en dat duurt een paar weken. Met de vorige heb ik zo een maand lang moeten smeren en tapen en liep ik de Mont Blanc Marathon uiteindelijk met twee knoerten van blaren en ingetapete voeten (ik had de nieuwe steunzolen toen pas drie weken voor die marathon, dus beetje te laat om deftig in te lopen). Soit, vandaag viel het gelukkig nog mee. Heb wel een tijdje een brandend gevoel gehad, maar bij thuiskomst bleken er gelukkig toch nog geen blaren te zijn. Hopelijk blijft dat zo.

Volgende week staat week 3 van het opbouwen me te wachten en dat wordt een hele leuke: de Charlepoeng Trail, goed voor 26 km ploeterplezier! Ik kijk er al naar uit!
En daarna…een weekje relatieve rust alvorens we echt keihard opbouwen richting marathon!