Als het kriebelt…

Een kleine twee weken geleden schreef ik al dat ik nu al zin had in een volgende marathon. En het bleef maar kriebelen. Ik wilde echt niet nog een half jaar wachten tot de Kustmarathon van Zeeland. De marathon van Antwerpen lukte echt niet, maar ik zag op diverse plekken en onder enkele loopvriendjes ook heel veel buzz opduiken over de Great Breweries Marathon in juni, met start en finish aan de Duvel-brouwerij in Puurs.

De gezinsagenda er eens bijgenomen, die de komende weken eigenlijk overvol staat (zelfs de 20 km van Brussel moet ik er proberen rap rap tussen te wringen). Maar kijk: de enige vrije zondag die nog overbleef tussen nu en onze vakantie is toch wel zondag 18 juni zeker – de dag van de Great Breweries. Hoera! Bij clubgenoot K. klopte ik snel aan om een lift voor die dag te regelen (hij loopt er ook mee), manlief kunnen overtuigen met een bierpakket (want dat krijgen de deelnemers als prijs mee) en toch ook maar even groen licht gevraagd bij Coach Tiny (en het werd groen!) en dan… tja…geen excuus meer, gewoon inschrijven! Dat je bij de inschrijving ook nog eens een Hart voor ALS kan steunen, motiveerde me nog extra. Natuurlijk doneerde ik dat kleine beetje extra.

Doelen bijstellen

De 20 km van Brussel wordt bijgevolg wel een goeie trainingsloop en geen wedstrijd waarin ik voluit zal gaan. En echt veel lange duurlopen krijg ik de komende weken niet ingepland. Het doel van de Great Breweries is geen nieuw PR, laat dat duidelijk wezen. Bedoeling is van in gezelschap te lopen en gezellig te babbelen. De basisconditie is er en op een rustig tempo en aan een gecontroleerde hartslag zal het wel lukken.

weer wat langer

Op mijn schema stonden voor deze periode geen superlange trainingen, want mijn doel was de 20 km van Brussel. Maar het groene licht van Tiny ging ook gepaard met de melding dat het op zondagen in mei dan ook wel weer wat langer mag. Tot 2,5 uur krijg ik alleszins wel ingepland en ik ga toch één dertiger proberen (dat wordt dan wel eens supervroeg opstaan, een mens moet er iets voor over hebben). De goesting is er, het zou jammer zijn aan die lokroep geen gevolg te geven.

Vanmorgen liep ik alvast 2u16min bij elkaar, goed voor 21,6 km. Zonder problemen, zonder pijntjes. Alvast mentaal een opsteker. De weg naar den Duvel is ingezet!

beerruns

Advertenties

Op weg naar Brussel

Zo, de marathon is helemaal verteerd. Het herstellen ging vlotter dan verwacht. In ons vakantiehuisje hadden we zo’n akelige draaitrap en toen ik daar op zondagavond na de marathon naar keek was dat met een onbehaaglijk gevoel. De vrees bekroop me dat ik de volgende ochtend nooit meer beneden zou geraken (en de badkamer bevond zich wel beneden, ai). Paniek voor niks bleek, ik geraakte zonder moeite de trap af. Moest zelfs niet op m’n achterwerk gaan zitten of achterstevoren trapje per trapje naar beneden schuifelen. Het viel dus wel mee met die stijfheid. Waar ik wel last van had was vermoeidheid. Een doodmoe gevoel over heel mijn lijf. Vermoedelijk het effect van de warmte dat toch stevig had ingehakt op mijn systeem. Die vermoeidheid is enkele dagen blijven hangen, maar hé…we waren met vakantie, niks moest! Lekker rusten dus. Dinsdag hebben we fietsen gehuurd en heb ik welgeteld 13 km rustig getrapt. Manlief had daar niet genoeg mee, dus die heeft nog wat extra kilometers gedaan, terwijl ik weer met mijn benen omhoog ging.

vlot hersteld

Dat rusten was ik na drie dagen wel weer beu, dus donderdagmorgen trok ik eindelijk mijn loopschoenen weer aan voor een herstelloopje. Eventjes de dijk aan het Grevelingenmeer wat op en af en dan heel onze Landal doorkruist, tot ik na exact 5 km weer aan het vakantiehuisje stond. Dat ging zonder moeite. Dus vanaf zaterdag, een kleine week na de marathon, maar gewoon het trainingsregime weer wat opgepikt. Vanmorgen was dat weer 1,5 uur en vanaf volgende week gaan we weer stilaan richting de 2 uur in het weekend.

20 km van Brussel voor Dokters van de Wereld

Nadeel van zo vlot te herstellen is dat overmoed dan om de hoek komt luren. Zo doen er wel wat vriendjes mee aan de marathon van Antwerpen op zondag de 23e april. Natuurlijk begon het bij mij ook te jeuken. Nu ben ik zelf van Antwerpen en ken ik het parcours wel goed genoeg om te weten dat het absoluut niks voor mij is. Maar toch…het jeukte. Gelukkig had manlief dit weekend eivol gepland en is een dagje marathon er niet bij te proppen. Dus geen marathon van Antwerpen en mijn lijf zal dankbaar zijn. Want overmoed schaadt (lees: blessures) en ik heb een belangrijker doel te lopen eind mei.

Zondag 28 mei loop ik met heel wat collega’s de 20 van Brussel mee en dat doen we voor een goed doel, Dokters van de Wereld. Deze ngo zorgt voor medische hulpverlening aan de allerarmsten in onze maatschappij, onder meer door rond te rijden met een ‘medibus’ en door zorgcentra uit te baten in Antwerpen en Brussel. Een nobel doel dus, en toen het voorstel van m’n werkgever kwam om mee te doen, twijfelde ik geen seconde.

dokters

Ondertussen heb ik al wat centjes ingezameld, maar alle beetjes extra helpen! Dus als je Dokters van de Wereld én mezelf een extra steuntje in de rug wil geven, dan kan dat via deze weg. Elke euro wordt integraal besteed aan de initiatieven in België.

groepstraining

Het leuke aan zo gezamenlijk naar een doel toewerken is dat je plots op je werk gelijkstemde zielen ontmoet die je voordien nog niet kende. Zo werd er vorige week in ons kantoor in Brussel een groepstraining georganiseerd en leerde ik weer wat collega’s (van andere departementen) kennen die ook gebeten zijn door het loopvirus. We kregen daarbij ook nog het enthousiaste gezelschap van enkele mensen van Dokters van de Wereld zelf, dus dat werd een gezellige boel. Voor ik het wist had ik zo onder mijn middagpauze 11 km bijeengelopen in het Warandepark. Heel fijn!

Het doel is duidelijk: eind mei 20 km over de heuveltjes in Brussel lopen. Geen zotte kuren tussendoor dus. Dat ze morgen daar maar doen in Antwerpen, ik hou me lekker lui aan de kant ondertussen.

 

 

 

 

Marathon Rotterdam – verslag

Zo, hij zit erop! Zondag liep ik mijn elfde marathon uit en wat voor één! In 2007 liep ik in Rotterdam mijn tweede marathon in extreem hete omstandigheden. Nu tien jaar later wou ik er revanche nemen en volop gaan voor een ‘snellere’ marathon (dat snel is bij mij nog altijd slakkentempo hoor). Ware het niet dat het ook deze keer weer zo’n warme dag werd. Alsof de duivel zich ermee gemoeid had! Maar niet getreurd, ondanks de omstandigheden werd het een topdag en zit ik nu, de volgende morgen, met pijnlijke spieren en een vermoeid gevoel, nog volop na te genieten.

wave 4

Sinds 2007 is er best wel wat veranderd in Rotterdam. Kon ik toen een half uurtje voor de start gewoon ergens op de Coolsingel in een startvak gaan staan met zicht op Lee Towers (die er elk jaar ‘You’ll never walk alone’ komt zingen), werd ik deze keer toegewezen aan een startwave. Ik had de pech te belanden in wave 4. Pech, omdat er daar geen pacers voor 4 uur zouden zijn en stiekem droomde ik ervan om deze tijd eens te halen. Nog eens pech omdat wave 4 pas om 10u30 zou starten en als ze zo’n warm weer voorspellen dan is het wel fijner om echt zo vroeg mogelijk te kunnen starten.

IMG_1798
gespot in het startvak – een marathon lopen op klompen, zo kan het ook…

Ach ja, het is wat het is natuurlijk. Loopmaatjes Koen en Nico, die ik ’s morgens vroeg om 7u op P+R Slinge terugvond, bleken in wave 5 geplaatst te zijn, nog verder dus.
En er was wel één voordeel aan die verre wave: ik heb heel de marathon lang mensen voorbijgestoken, wat mentaal best een opsteker is (maar ook wel zijn nadelen heeft, lees maar verder).

op hartslag

Sowieso had ik het plan opgevat om deze marathon op hartslag te lopen. Op training had ik dat al een paar keer geoefend en met die ‘marathonhartslag’ leek een tijd van 4 uur wel haalbaar (in ideale omstandigheden uiteraard). Bij de sporttesten eind februari kreeg ik als advies mee om de eerste 20 km tussen 150 en 155 te gaan, tussen 20 en 35 tot 160 hartslag en daarna – als het gevoel nog goedzit – de hartslag los te laten en gewoon tot het uiterste te gaan. Dat in combinatie met voldoende drinken en koolhydraten aanvullen onderweg, zou het recept moeten zijn voor een geslaagde marathon. Opdracht duidelijk? Gaan dan maar!

druk – drukker – drukst

Op hartslag lopen is op zich niet zo moeilijk, maar er zijn wel wat factoren die de boel verstoren. Zo kwam er de Erasmusbrug (verdorie wat een klim), wat verder een tunnel en dan nog eens die brug (na 27 km) en een tunnel. Daarnaast begon na een uurtje de temperatuur echt wel serieus de hoogte in te gaan.

En dan was er nog al dat volk. Doordat ik best wel een goed tempo kon aanhouden (zo rond de 5:40 min/km) haalde ik constant volk in tot ik op de traagste groep van wave 3 stuitte (die 10 minuten eerder waren gestart). Groepjes mensen die heel de weg versperden waardoor ik me erdoor moest wringen, slalommen, vertragen, weer versnellen en dat zowat de hele tijd tot aan het einde. Met al dat gewriemel, wriemelde mijn hartslag vrolijk mee in alle richtingen. Pfoe. Op dat vlak is Rotterdam me dus wel wat te druk geworden. Maar die drukte maakt het ook wel ongelooflijk gezellig en de sfeer – dankzij honderdduizenden supporters – is er top en maakt deze marathon gewoon tot een waar loopfeest en dat maakt veel goeds!

Tijd verliezen (of net winnen?)

Na 10 km stond mijn blaas op springen en moest ik een dixie induiken (die was gelukkig vrij). Minuutje verloren dus, maar ik dacht er niet aan om dat met een sprint weer in te halen. En ook verloor ik wat tijd aan elke drankpost, want drinken was primordiaal met dit weer. Ik had dan wel mijn watrugzakje bij, dat gewicht slonk ook zienderogen. Ik leek wel continu dorst te hebben. Die waterrugzak was leeg tegen het einde en aan elke drankpost dronk ik een volledige beker uit. Het zorgde ervoor dat ik niet zoals vele anderen met spierkrampen of compleet uitgedroogd en leeg aan de kant belandde. Ik verloor dan wel wat tijd met aan elke post even te stoppen, uiteindelijk heb ik er zeker ook heel wat tijd mee gewonnen door niet compleet in te storten door vochtverlies (of zoals in 2015 in Zeeland met een niercrisis te moeten opgeven op 36 km…).

Van coach Tiny had ik vrijdag nog het advies gekregen om ook op tijd  te beginnen met koolhydraten nemen. Door de warmte verbruikt je lijf meer van die belangrijke brandstof. Normaal start ik pas na zo’n 13 km met een eerste gelletje, nu deed ik dat na 10 km en dan weer terug om de 6 à 7 km. Die tactiek bleek goed, want ben geen enkele man met de hamer tegengekomen.

Vlak gelopen en PR gesneuveld

Van de theorie praktijk maken, leidde uiteindelijk tot een quasi perfect gelopen marathon. Elke vijf kilometer liep ik aan quasi hetzelfde gemiddelde tempo, mijn benen bleven gewoon doen wat ze moesten doen (geen verzuring, geen krampen, enkel op het einde het normale vermoeide gevoel), en mijn hartslag is enkel in de laatste kilometer over het omslagpunt gegaan.
rotterdam

Wat kan ik dan nog meer zeggen dan dat ik supercontent ben? Oh ja, dat mijn PR compleet aan diggelen is gelopen natuurlijk! De 4 uur-grens heb ik niet gesloopt, maar mijn PR wel, met maar liefst 10 minuten. Het vorige (4u16) dateerde dan ook al van 2008 (Keulen), dus het werd wel eens hoog tijd! Hier zit een blije meid!

En dan nu even enkele dagen rust en nog genieten van onze vakantie in Zeeland. Volgende halte in mijn hardloopavontuur wordt de 20 km van Brussel, een eitje vergeleken met Rotterdam 😉

IMG_1799

 

 

Laat maar komen!

Zo, nog twee nachtjes slapen en dan mag ik eindelijk aan de slag in Rotterdam. En dat ik er klaar voor ben! Het taperen verliep gelukkig zonder al te veel hindernissen. Geen al te cranky humeur, zeurende pijntjes en opgeblazen gevoel. Enkel een lichte verkoudheid vorige week dreigde heel eventjes roet in het eten te gooien, maar na twee dagen had ik dat koutje weer van me kunnen afschudden. Oef.

Heb dus braaf alle (kortere) trainingen nog kunnen afwerken, waarbij de allerlaatste kilometers gisteren werden afgehaspeld. Net voor mijn allerlaatste kilometer klonk net Eye of the Tiger door m’n oortjes en tja…heb me toch even een Rocky’tje gedaan. Visualisatie helpt soms wel hé.

giphy

Op de gebruikelijke Facebook-fora regent het ondertussen paniekberichtjes over de voorspelde ‘hitte’ aanstaande zondag. Nou…zo erg als in 2007 zal het wel niet worden. Toen trainden we een week voor de marathon nog volop in wintertenue en was het op de dag van de marathon bij de start tegen de 27°C. Met heel veel chaos tot gevolg.
Ik maak me dus niet zo veel zorgen over die 21°C in de namiddag, te meer omdat de start nog in wat koelere temperaturen zal zijn. En met voldoende drinken en gelletjes bij de hand, komt dat wel goed.

Morgen alvast even met het gezinnetje naar Rotterdam om de boel te verkennen en startnummer op te halen. Zondag dan op mijn eentje naar daar, maar al aan de parking afgesproken, dus een eenzaam dagje wordt het zeker niet. Heb er vooral veel zin in en hopelijk helpt die mindset voor een geslaagde marathon!

Tot zondag of maandag voor een verslagje!

letsdothis

’t Zit er op (oef)

Typisch aan een marathonvoorbereiding is dat er op een bepaald moment wat trainingsmoeheid kan optreden. Dat punt heb ik nu bereikt. Maar geen paniek, het hoort erbij. Het is wel een probleem als die moeheid al optreedt een zestal weken voor de marathon. Maar bij mij komt het op het meest ideale moment denkbaar: twee weken voor de marathon. Gelukkig mag ik nu ‘stoppen’ met trainen en beginnen taperen, ofte mijn lichaam weer tot rust brengen zodat ik over twee weken volledig los kan gaan.

De laatste lange

Vandaag stond de laatste ‘lange’ op het schema. Normaal moest ik nog drie uur m’n spieren geselen, maar dat is net niet gelukt. Ik was te moe. Niet alleen de overgang naar het zomeruur hakte er wat in vanmorgen, ik lag er ook nogal laat in vannacht na een gezellig avondje uit met wat wijn en ongezonde snacks. Die combinatie lag stevig op m’n maag vanmorgen met als extra sauske de vermoeidheid en het vroege uur en tja…het liep niet lekker. Bah. Gelukkig moest het allemaal niet zo strikt vandaag.

Na acht kilometer harken kwam ik gelukkig m’n clubgenoten tegen in ’t Domein van Hofstade en had ik al snel een babbel aan K. die me tien kilometer lang vergezelde doorheen het Domein. Daarna nog een zevental kilometer naar huis hobbelen en kijk…ik had er toch mooi 25 km opzitten, in zo’n 2u40 minuten. Dus toch bijna die drie uur gehaald, een goeie afsluiter voor deze intense trainingsperiode.

Nu dus twee weken uitbollen. Natuurlijk blijf ik wel lopen, maar qua kilometers neem ik stevig wat gas terug, kwestie van goed uitgerust in Rotterdam aan de start te staan op 9 april. Nu op dit moment kijk ik uit naar die twee weken ‘rust’, maar elke marathonloper weet ook dat over een weekje ik in de taperinghel zal beland zijn en dus niet te genieten zal zijn. Toch leuk hé, dat marathonlopen…

taperingrunner

Trail de la Primavera (Andenne) – verslag

Met nog drie weken te gaan tot de marathon van Rotterdam, stond vandaag dé ultieme training op de planning. Omdat ik vorig jaar twee weken voor de marathon van Zeeland een trail als voorbereiding had gedaan, wat toen prima beviel, leek me dat nu ook een supergoed idee. De Trail de la Primavera in Andenne leek me wel een goeie keuze met 30 km als afstand (naast een 10 km, 20 km én 65 km voor de zotten).

Echt alle toeters en bellen

Toegegeven, ik had misschien beter die trail eerst op voorhand wat beter bestudeerd, zodat ik wist wat met te wachten zou staan. Omdat Andenne niet zo diep in de Ardennen ligt, verwachtte ik me niet aan al te spectaculaire dingen. Verkeerd gedacht, zo bleek al snel.

Na een brave start van zo’n 2 km over asfalt, begon de uitdaging. Het parcours ging gestaag op en neer door bossen en weilanden. De regen van de voorbije dagen had het parcours goed modderig gemaakt. Ik was blij dat ik m’n Salomon Speedcross nog eens had aangedaan.

Na enkele kilometers kwamen we in een bos waar men nogal stevig aan houthakbeheer had gedaan. De tractors hadden sporen getrokken doorheen de modder en ik stond letterlijk tot aan mijn knieën in de blubber. Het werd een geploeter tot en met om heel dat stuk te overbruggen, om dan een kilometer later een heuvel in de smurrie te moeten opklauteren. Pfew, daar ging mijn tempo! Maar dan moest het ergste nog komen.

Zo rond km 13 kregen we zowaar een initiatie klimmen en abseilen voorgeschoteld. Verticale hellingen die we achtereenvolgens af moesten, weer op moesten, beetje verder weer al abseilend of poepschuivend naar beneden vliegen, om daarna weer aan een touw bengelend jezelf naar boven te hijsen. Op een bepaald moment geraakte ik zelfs met behulp van het touw geen meter omhoog, omdat de ondergrond spekglad van de modder was. Daar hing ik dan lekker te bengelen. Gelukkig kreeg ik van een behulpzame man een flinke duw onder m’n kont en kon ik mijn voet een metertje hoger toch achter een boomstammetje haken om zo weer verder omhoog te gaan.
Het hoeft niet gezegd dat die twee kilometer op dat parcours bijna een half uur tijd kostten…

Ok, een rustige duurloop in aanloop van de marathon kon je dit dus echt niet meer noemen. Maar ik amuseerde me best wel hoor. En tot mijn grote tevredenheid kon ik na die pittige stukken toch altijd weer terug één of andere zwierbeweging in mijn benen krijgen en weer iets doen dat op hardlopen leek. Ook al was het altijd maar voor wat kortere stukken. Want echt elke kilometer stond er ons wel iets te wachten en hoorde ik naarmate de tijd verstreek steeds meer en meer lopers verlangen naar een stuk asfalt (die er ook wel wat in het parcours zaten, gelukkig maar, ahum).

Zelfs vier km voor de finish moesten we ons weer met touwen omhooghijsen en tot zowat ieders afschuw zadelde de organisatie ons op amper twee (!) kilometer voor de finish nog op met een klim van jewelste. Gevloekt dat ik heb!

IMG_1779
Are you kidding me? Tot boven op de berg nog, 2 km voor de finish.

Een 600 meter voor de finish kwam ik voor de zevende keer of zo fotograaf Luc tegen die me op heel wat punten gefotografeerd heeft tijdens deze trail, waarvoor dank. En net dan kwam zijn vrouw Agnes me bijgelopen en zij trok me nog dat laatste rot-end mee tot aan de finish (nog aan een stevig tempo van bijna 11 km/u trouwens). Zo content dat ik er was! Maar ook voldaan en tevreden dat ik zelfs na heel die calvarietocht van meer dan vier uur toch nog in staat was een laatste inspanning tegen dat tempo te doen.

Fantastische trail

Ook al heb ik enorm afgezien op deze trail, ik heb er ook intens van genoten. Dit is een trail waar iedere trailliefhebber zijn hart kan ophalen. Daarnaast is op de organisatie ook niets aan te merken, alles was perfect georganiseerd. Voor een correcte prijs krijg je alles wat je nodig hebt, met zelfs een mooie Salomon-beker erbovenop als cadeautje.

Of ik hem volgend jaar terug mee doe? Dat zou wel eens kunnen, maar dan enkel als ik niet in voorbereiding ben voor een marathon. Ik denk dat ik nu toch wel een weekje herstel ga nodig hebben. Gelukkig zijn er nog drie weken te gaan vooraleer die 42 km moet bedwongen worden…

 

Het wordt serieus

9 maart 2017 is gepasseerd. Dat wil zeggen: nog minder dan een maand te gaan tot de marathon van Rotterdam! Hoog tijd om het onderste uit de kan te halen en te trainen. De zwaarste trainingsweken zijn daar. Vorige week liep ik al ‘per ongeluk’ die eerste 30’er (lopersjargon om een +30 km-training te benoemen). Deze zondag stond er echt zo eentje gepland. En dat na een trainingsweek met al heel wat kilometers en een snelheidstraining erbovenop. Dat tikt aan!

Fietsknooppunten

Via fietsnet.be had ik op voorhand al een route uitgestippeld doorheen het Vlaams-Brabantse landschap. Handig die website. Je zoekt je startpunt en klikt vervolgens op de kaart op de nummers die je wilt volgen. De tool berekent automatisch het aantal kilometers. Vervolgens kan je dat als gpx exporteren (en op je gps-horloge zetten, als je hier een navigatie-optie in hebt), en ook als pdf om eventueel uit te printen.

Zo had ik me dus een mooie route uitgestippeld vanuit Boortmeerbeek (waar ik woon) naar de dorpen Berg, Perk, Elewijt en via buurdorp Schiplaken zou ik uiteindelijk weer thuis belanden. Goed voor 31 km. Olé.

Opdracht geslaagd

Om 8u30 zondagmorgen trok ik op pad. Het was nog een beetje frisjes maar de zon deed al flink zijn best. Bedoeling was om op hartslag te lopen en deze zo lang mogelijk onder de 140 te houden. Dat bleek een makkie. In het begin had de koude wat effect maar na een uurtje zat ik nog altijd vlotjes onder de 135 en dat kon ik tot zowat 4 km voor het einde volhouden.

De tocht was afwisselend, af en toe wat wijken doorkruisend, maar ook door weidse landschappen, langsheen velden en verlaten weggetjes. Na 16 km probeerde een aardappel-automaat me te verleiden tot een aankoop, zonder succes. (eerlijk gezegd: zoiets had ik nu nog nooit gezien. Je komt nogal wat tegen op zo’n lange zwerftocht…).

IMG_1748

De laatste kilometers begon vermoeidheid me wat parten te spelen. Ook niet zo abnormaal na al een pittige trainingsweek, een drukke werkweek en de avond ervoor nog een avondje uit ook. Maar al bij al viel het nog mee en op het einde – na 3u15 trainen – was het nu ook niet zo dat ik als een pudding in elkaar zakte. In de namiddag ben ik nog volop in de weer geweest en om 22u ’s avonds zakte ik dan effectief als een pudding in elkaar om vervolgens 8,5 uur lang compleet in comateuze toestand in mijn bed te liggen.

Nog 2 weken

De komende week staan er weer wat kilometers op de planning met als topper volgende zondag de Trail de la Primavera. 30 km op en neer hobbelen in de Ardennen, niet alleen om kilometers af te leggen maar ook wat extra kracht te trainen. Daarna mag ik stilaan beginnen uitbollen , maar ook niet direct te drastisch. Dat drastisch afbouwen is pas vanaf 27 maart voorzien en ik denk dat ik daar tegen dan ook wel volop naar uit aan het kijken zal zijn. Om dan vervolgens te ‘knallen’ (relatief) op 9 april!

De helse weken

Na de wake-up-call van vorige week heb ik mijn trainingen wat rustiger aangepakt. Braafjes pakte ik elke training mijn hartslagmeter erbij en hield ik een beetje de pas in om m’n hartslag wat lager te houden. Dat ging verbazingwekkend goed. Het tempo viel zelfs vrij goed mee. Ik vreesde dat ik op dat vlak serieus zou moeten gaan inboeten, maar eigenlijk zit er maar een tiental seconden verschil op tegenover de tempo’s die ik de voorbije weken deed. Geen ramp dus.

Nog een maand

Op 9 april is het van dat: de marathon van Rotterdam. Dat wil zeggen dat de ‘helse weken’ begonnen zijn. Trainen, trainen, trainen. Kilometers vreten! Deze week eindigde ik op net geen 59 km, in 4 trainingen. Per ongeluk zat daar vandaag mijn eerste 30’er bij.

Samen met clubgenoot Kristof liep ik een wandeltocht in Kampenhout. Een superfijne tocht, met veel afwisseling en zelfs wat trailstukjes, doorheen modderige weilanden en stukken bos. Toen we deze training planden, stond op marching.be dat de langste afstand 28 km was. Ideaal voor de 2u50 die vandaag op m’n planning stond. Maar gisteren zag ik dat die afstand gewijzigd was naar 29 km en toen we hem vandaag dan ook echt liepen, eindigden we met 30,4 km op de teller. Toegegeven, voor ons mentale welzijn in aanloop naar de marathon wel een ferme opsteker!

kampenhout

Goed gevoel

De eerste 30’er zit er dus al op. Het liep fantastisch goed. De eerste 18 km zat mijn hartslaggemiddelde op 132. Daarna begon de wind wat op te steken en ging het een tikje omhoog, maar tot km 25 kon ik mijn hartslag wel onder de 140 houden. Daarna ging de wind voluit en ging het nog een tikje omhoog, maar eenmaal de wind in de rug ging ie ook weer 10 slagen naar beneden. Na die dik 30 km had ik wel een klein beetje last van vermoeide benen, maar echt moe was ik niet en had het gevoel gerust nog een uurtje te kunnen doorgaan. Nu enkele uren later voel ik geen greintje spierpijn. Zalig.

Het geeft volop vertrouwen voor de komende weken. Die beloven nog pittig te worden. Je moet er dan ook iets voor over hebben, voor zo’n marathon.

 

 

Iets te enthousiast bezig

Het is al een rustig weekje geweest. Daar zat Thomas de Storm voor iets tussen, maar ook een afspraak die ik vandaag (vrijdag) had voor een lactaattest. Voor zo’n test mag je de dagen voordien geen al te gekke dingen doen. Kwam die storm dus toch wel mooi op het juiste moment! Twee excuses om het eens rustig aan te doen. Enkel dinsdag deed ik een rustig herstelloopje van zo’n 9 km en dat ging vlotjes, zo twee dagen na de Charlepoeng Trail.

Algehele doorlichting

Die lactaattest dus. In maart 2015 deed ik dat een allereerste keer. Ik trok toen naar Fitlab Nottebohm in Brecht, omwille van de goeie ervaringen daar van andere loopvriendjes. Het was toen een heel leerrijke ervaring. Zo ontdekten ze er dat mijn longcapaciteit ondermaats is en dat ik een lichte vorm van astma heb. Een eye-opener, want het verklaarde waarom ik na 15 jaar lopen nog altijd zo traag als een slak was.

Nu twee jaar later leek het me een goed idee om nog eens te gaan testen, om te zien of mijn hartslagzones nog altijd goed zitten en of ik gewoon in ’t algemeen wel goed bezig ben.

Het onderzoek in Fitlab is grondig. Er komt een cardioloog en sportadviseur bij te pas, ze nemen een ECG in rust en in actie, een hart-echo, je bloed wordt afgenomen voor verder onderzoek (dat is vrijwillig, maar kan m.i. nooit kwaad) en je wordt langs alle kanten gemeten, gewogen en op lenigheid getest.

Op enkele fronten scoorde ik beter dan twee jaar geleden: ik ben 6 cm in heupomvang verminderd (en ook ettelijke kilo’s vermagerd) en ben een tikje leniger (dat dagelijks stretchen helpt dus wel degelijk). Qua vetpercentage blijf ik wel status quo, maar zit ik niet in een rode zone of zo. Nog twee kilootjes eraf en ik zit op mijn perfecte marathongewicht. We weten wat doen.

Mijn longen zijn er nog altijd even desastreus aan toe als twee jaar geleden, geen verbetering maar ook geen verslechtering. Dat merkte ik zelf ook al wel. Maar omdat ik er al zo lang mee leef, gebruik ik ze wel zo optimaal als mogelijk en de cardioloog stelde me ook nu weer gerust. Gewoon goed op letten, niet te snel (willen) gaan en dan kan er niets gebeuren.

Lactaattest

Na alle vooronderzoekjes moest ik de loopband op. Normaalgezien krijg je dan, naast een hele resem kabels om je ECG in actie te nemen, een monsterlijk mondmasker op om tijdens het lopen de Vo2-Max te meten. Twee jaar geleden kreeg ik door dat ding een stevige paniekaanval omdat ik in ademnood kwam. Daardoor was de test niet echt 100% gelukt. Bij het zien van die maskers bekroop me vandaag weer dat beangstigend gevoel. Na overleg met de cardioloog en de sportadviseur besloten we de test te doen zonder het masker. Geen Vo2-meting dus, maar ik kwam vooral voor mijn hartslagwaarden en melkzuurmeting, dus echt erg vond ik dat niet. Ik weet zo ook al wel dat mijn zuurstofopname niet optimaal is.

Doordat ik al een pak relaxter was omdat ik geen masker op moest, verliep de looptest heel goed en kon ik volledig maximaal gaan. Ik klokte af op een maximale snelheid van 13,5 km/u (in 2015 haalde ik nipt 12 km/u) met een lactaatgehalte van bijna 9 mmol. Mijn omslagpunt lag op 179.

De resultaten leken dus best wel goed zo op het eerste zicht. En dat werd bevestigd door de sportadviseur. Ik kan alleszins wel meer aan dan twee jaar geleden en kan sneller en dieper gaan.

Maar de grafiek van het lactaatgehalte was eigenlijk niet zo heel positief. Ik ga al heel snel over de anaerobe-drempel heen, waardoor ik dus snel richting verzuring ga. Voor korte afstanden is dat allemaal niet zo’n probleem, maar als je voor een marathon traint is het niet zo gezond als je meer dan 30 km in het rood loopt. Op dat vlak scoorde ik wel wat slechter dan twee jaar geleden.

blogtest

Te enthousast

Oorzaak van dit verval? Gewoon te enthousiast aan het trainen aan een te snel tempo. Dat heb je dus als het gevoel al weken en weken goed zit…die hartslagmeter belandt ergens in een hoekje en de trainingen gaan ‘op gevoel’. De voorbije weken trainde ik heel vaak aan tempo’s van meer dan 10 km/u, tot tegen 11 km/u aan, ook op dagen dat het eigenlijk wat rustiger moest. Maar hey…het gevoel zit goed, dus wat is het probleem, zou je zeggen? De valkuil is dan dat je onbewust roofbouw begint te plegen op je lichaam. Zonder het te beseffen was ik beetje bij beetje mijn basisuithouding aan het verknoeien, door altijd te snel te gaan.

easy2Even een stapje terug dus. De komende weken in aanloop naar de marathon moet ik terug wat meer in zone 1 trainen, om mijn basisuithouding te herstellen. Eén keertje per week mag ik natuurlijk wel snelheidstrainingen doen, maar ook dit in de juiste hartslagzones. Een beetje inhouden om daar op 9 april volop de vruchten van te plukken. De marathon zelf doe ik dan best in hartslagzone 2 en dan wordt het een succes. Welke eindtijd? Who cares…

Bij thuiskomst deze namiddag trok ik direct enthousiast (oeps) mijn loopschoenen weer aan voor een fijn rondje van 10 km. Mét hartslagmeter en mooi binnen zone 1 gebleven. Wat ben ik toch een brave leerling…

Ook interesse in zo’n grondige doorlichting en lactaattesten? Meer info vind je op de website van Fitlab.

 

 

Charlepoeng Trail #3 – verslag

Nog zes weken te gaan tot de marathon van Rotterdam en als voorbereiding liep ik vandaag de derde editie van de Charlepoeng Trail mee. In 2015 deed ik editie #1 mee en behalve dat het een aangename ervaring was, was ik niet zo zot van het parcours toen. Een beetje te braaf om trail te noemen. Maar laat een ‘braaf parcours’ met een deftige afstand voor een marathonvoorbereiding dan weer ideaal zijn, dus besloot ik editie drie vandaag een kans te geven. Wist ik veel dat ze het parcours compleet omgegooid hadden…dit kon je nu eens echt wél een trail noemen.

Huldenberg is niet zo ver rijden, maar om zeker te zijn van een plekje op de parking pal voor de sporthal (op dat vlak ben ik soms wel lui) was ik om 7u al de deur uit. Een kleine 40 minuten later kon ik m’n karretje mooi voor de sporthal parkeren, missie geslaagd. Met een start om iets na 9 had ik daarna nog rustig de tijd om te eten en een beetje te socializen.

Om 9 uur ging de marathon van start en daarna was het de beurt aan de grootste bende, die van de 26 km. Ik voelde al snel dat ik geen superbenen had. Ik had slecht geslapen en ook nog slecht gelegen waardoor er iets in m’n zij wat geblokkeerd zat. Beetje zuchten dus, maar ’t was voor mij geen wedstrijd. Knopje in m’n kop omgedraaid en geprobeerd de kommer en de kwel achter mij te laten en te genieten van het landschap.

Veel variatie

Het parcours liet ons echt alle kanten van de streek zien: weidse plateaus met prachtige vergezichten, bossen met stevige steile verticale klimmetjes en verbindingsstukken langs weilanden en zo. Af en toe ook wel eens een stukje door één of andere verkaveling, op dat vlak zuchtte ik wel weer van ‘arm Vlaanderen’. Ik snap wel dat de organisatie op dat vlak geen keuze heeft, gezien alles hier letterlijk volgebetonneerd wordt.

Pijl gemist

Het duurde toch een 10-tal kilometer eer ik echt in een runners-flow terechtkwam en volop kon genieten. De temperatuur ging wat de hoogte in, het zonnetje begon zijn best te doen en daar kikkerde ik echt van op. Rond kilometer 12 kwam er een moordende afdaling, waar ik eventjes niet op mijn gemak was, en blijkbaar heb ik daar ergens een fout gemaakt (samen met zowat alle anderen die in mijn buurt liepen).
Een tweetal kilometer later kwam ik clubmaatje Kristof tegen (die de marathon liep) en hij vroeg of ik de bevoorrading had gevonden? Niet dus. Hij ook niet, al de rest rondom ons ook niet.

Doordat we de bevoorrading hadden gemist, hadden we daarbij blijkbaar ook een lus van drie km gemist. Owkay…effe m’n mindset bijstellen: ik zou geen 26 km lopen, het zouden er wat minder worden. Ach ja. Niets aan te doen, qua duurtijd zou het alleszins toch voldoende zijn als training. Voor Kristof was het wel een beetje een domper want die had gerekend op een marathon en dat zou het dus ook niet worden…Jammer wel.

Na een kleine 2u40 bereikte ik de finish, met 23,1 km op de teller in plaats van 26 km. Het was genoeg geweest sowieso. Het parcours was echt wel een pak zwaarder dan ik had verwacht en m’n spieren waren al aan een stevige protestzang begonnen. Er moeten nog heel wat trainingen komen de volgende zes weken, dus nu was nog niet het moment om te pieken.

Not again….bier!

Bij de finish kregen alle lopers een bonnetje voor een Charlepoeng-bier. Ik gaf mijn bonnetje weg aan een kameraad. Ook in Aalter werd er bier als beloning weggegeven. Dat hoeft voor mij dus echt niet, want ik lust het niet. Hopelijk komt er ooit eens een organisatie op het idee om een flesje cava of zo te geven als prijsje.

Fijne trail

Ondanks het verkeerd lopen vond ik de Charlepoeng-trail wel een hele fijne om te doen. Niet te druk, goede accomodatie bij start en finish (met een warme douche!).

Het parcours was een forse verbetering tegenover de eerste editie in 2015 (ik weet niet hoe het vorig jaar ging) en was op heel wat stukken echt wel technisch en uitdagend.
Dat er pijltjes gedraaid of weggenomen worden, daar kan de organisatie niet veel aan verhelpen, ook al is het wel even balen dat je niet de kilometers loopt die je had gepland (en er zijn een paar dapperen geweest die hun gemiste kilometers na de finish nog in de buurt van de sporthal zijn gaan lopen, maar daar hadden mijn benen geen zin meer in).

Conclusie: zeker een aanrader als je niet te ver wilt rijden en houdt van een afwisselend en uitdagend parcours.