Gedaan met lui zijn

De vakantieperiode heeft een beetje zijn sporen nagelaten: 3 kg erbij (oeps) en wat luiheid in de benen. Ik ben wel blijven lopen, maar het ritme ontbrak. Een zoon die niet naar school moest en van hot naar her gebracht moest worden. Ondertussen ook wel moeten gaan werken (ik heb geen 8 weken vakantie helaas) met hier en daar gelukkig wel nog wat snipperdagen waarbij ik onze 7-jarige onder m’n hoede had. Het is een paar keer voorgevallen dat ik om 6u ’s morgens met slaperige ogen en wankele benen de deur al achter me toesloeg om een uurtje training te verwerken. Achteraf was ik dan blij dat ik die moeite gedaan had, maar geloof me…het kostte me veel moeite en ik vermijd zo’n scenario’s toch liever.

Herpakken

Ik moet me dus dringend herpakken. Nog maar 7 weken te gaan tot de marathon van Zeeland en ik voel me zeker niet getraind momenteel. Vorig weekend liep ik een eerste echte deftige duurloop van 21,5 km. Amper de helft van een marathon, maar het liep vlot. Oef. In de week probeer ik 2 tot 3 trainingen in te plannen, maar het blijft toch wat puzzelen. Ik vrees volgende week weer eens een vroege editie om 6u ’s morgens (en ben me daar nu alvast mentaal op aan het voorbereiden).

Ook dat gewicht moet weer terug omlaag. De succesvolle 5:2-methode die ik vorig jaar startte en waar ik op korte tijd 7 kg mee kwijtraakte, ga ik weer terug op de juiste manier volgen. Ik hanteerde die methode wel continu de voorbije maanden maar gunde mezelf wat te veel speling waardoor stiekem toch die kilootjes er weer bijgekomen zijn (vooral door onze Bourgondische uitspattingen op vakantie in Frankrijk en Venetië) .

giphy (2)

Mannekenpistrail

Om toch die marathon van Zeeland een serieuze kans te geven, loop ik volgende week nog eens leuke trail mee: de Mannekenpistrail in Geraardsbergen. Er staat me daar zo’n 25 km met een kleine 400 hoogtemeters te wachten. Ideaal als training voor Zeeland.

Ondanks de naam van de trail, ga ik dit ventje trouwens niet te zien krijgen.

Manneken_Pis_Brussels

Wat dan wel: enkele ferme bossen, de beroemde Muur van Geraardsbergen en veel mooie natuur. Daar doen we het voor. Een fijne manier om lange trainingen in aanloop naar de marathon te doen en te genieten. En als ik deze 25 km vlot kan bedwingen, stijgt hopelijk m’n vertrouwen een beetje om met volle moed verder te trainen voor Zeeland.

journeyjoy

 

 

Advertenties

The one and only

Het leven kabbelt rustig voort ten huize Onehappyjogger, ware het niet dat er elk weekend de nodige gezinsdrukte gepland stond en de komende weken nog gepland staat. Tijd om te bloggen is dan met momenten ver te zoeken. Maar kijk, ik waag me er vandaag nog eens aan.

Naast (familie-)etentjes, uitstapjes en allerhande druk gedoe, blijf ik dapper trainen. Hoe het weeral in mij opkwam om over minder dan een maand een marathon te lopen, wie zal het zeggen. Af en toe vervloek ik mezelf dat ik dat besluit nam (maar geen nood, op andere momenten kijk ik er ook ongelooflijk naar uit). Ook al ben ik niet van plan serieus potten te breken op de Great Breweries Marathon, ik wil er ook geen mal figuur slaan en de helft van die 42,195 km moeten wandelen. Dus deed ik afgelopen zondag de enige dertiger die ik voor deze marathon kon en zou trainen.

slecht moment

Wat ik niet had ingecalculeerd: de avond voor die extra lange training stond er een familie-etentje gepland voor schoonpapa zijn verjaardag. Zo’n all-you-can-eat-wok-restaurant. Het was superlekker, maar resulteerde ook in complete overdaad. De volgende ochtend rolde ik letterlijk om 7u uit bed om een uurtje later op stap te trekken. Ik had er best wel zin in, ware het niet dat mijn spijsvertering nog compleet overhoop lag. Ik kan je garanderen: da’s niet plezant!

Ik had een lange route uitgestippeld (dezelfde die ik begin maart al eens liep ter voorbereiding van de marathon van Rotterdam), een mooie toer die me langsheen dorpjes met hyperkorte namen leidde (Perk en Berg), maar me ook langs bloemige weilanden in Vilvoorde liet passeren (zie foto bovenaan) en via Elewijt en Schiplaken weer naar huis leidde. Onderweg was het dus de buikpijn met momenten wat verbijten en ik was letterlijk door het dolle heen toen ik in Elewijt langs de start van een georganiseerde wandeltocht passeerde en daar in de cafetaria van de sporthal even van de sanitaire voorzieningen kon profiteren. Pfew! Van daaruit was het nog 9 km huiswaarts en na een goeie 30 km stond ik weer aan mijn voordeur. Opdracht geslaagd, de one and only 30’er in the pocket!

IMG_1952
schietgebedje doen onderwerg in Perk

20 km van Brussel

Volgende zondag staat er een uitdaging van een ander kaliber op de planning. Ten eerste op een doods uur op zondagochtend met de trein vanuit Boortmeerbeek in Brussel geraken. Dat wordt al een uitdaging. Dan daar een schoolgebouw in een compleet onbekende buurt vinden waar we onthaald worden door de toffe bende van Dokters van de Wereld. Samen met wat collega’s ga ik dan de 20 km van Brussel in tropische temperaturen tot 32°C lopen. En we mogen van de organisatie geen camelbak of ander type drankrugzakje meenemen….want in zo’n mini-rugzakje met waterzak kan je blijkbaar ook bommen en een kalashnikov kwijt. Aiai. Gelukkig heb ik mijn handheld-drinkfles waar een halve liter water in kan. Zeker onvoldoende met zo’n hitte. Hopelijk wordt er voldoende bevoorrading voorzien en het zal met die massa mensen ook wel drummen worden aan de drankposten. Spannend! Ik ga alleszins niet voor een supertijd, maar wel voor gezond uitlopen gelet op de omstandigheden.

 

’t Zit er op (oef)

Typisch aan een marathonvoorbereiding is dat er op een bepaald moment wat trainingsmoeheid kan optreden. Dat punt heb ik nu bereikt. Maar geen paniek, het hoort erbij. Het is wel een probleem als die moeheid al optreedt een zestal weken voor de marathon. Maar bij mij komt het op het meest ideale moment denkbaar: twee weken voor de marathon. Gelukkig mag ik nu ‘stoppen’ met trainen en beginnen taperen, ofte mijn lichaam weer tot rust brengen zodat ik over twee weken volledig los kan gaan.

De laatste lange

Vandaag stond de laatste ‘lange’ op het schema. Normaal moest ik nog drie uur m’n spieren geselen, maar dat is net niet gelukt. Ik was te moe. Niet alleen de overgang naar het zomeruur hakte er wat in vanmorgen, ik lag er ook nogal laat in vannacht na een gezellig avondje uit met wat wijn en ongezonde snacks. Die combinatie lag stevig op m’n maag vanmorgen met als extra sauske de vermoeidheid en het vroege uur en tja…het liep niet lekker. Bah. Gelukkig moest het allemaal niet zo strikt vandaag.

Na acht kilometer harken kwam ik gelukkig m’n clubgenoten tegen in ’t Domein van Hofstade en had ik al snel een babbel aan K. die me tien kilometer lang vergezelde doorheen het Domein. Daarna nog een zevental kilometer naar huis hobbelen en kijk…ik had er toch mooi 25 km opzitten, in zo’n 2u40 minuten. Dus toch bijna die drie uur gehaald, een goeie afsluiter voor deze intense trainingsperiode.

Nu dus twee weken uitbollen. Natuurlijk blijf ik wel lopen, maar qua kilometers neem ik stevig wat gas terug, kwestie van goed uitgerust in Rotterdam aan de start te staan op 9 april. Nu op dit moment kijk ik uit naar die twee weken ‘rust’, maar elke marathonloper weet ook dat over een weekje ik in de taperinghel zal beland zijn en dus niet te genieten zal zijn. Toch leuk hé, dat marathonlopen…

taperingrunner

Het wordt serieus

9 maart 2017 is gepasseerd. Dat wil zeggen: nog minder dan een maand te gaan tot de marathon van Rotterdam! Hoog tijd om het onderste uit de kan te halen en te trainen. De zwaarste trainingsweken zijn daar. Vorige week liep ik al ‘per ongeluk’ die eerste 30’er (lopersjargon om een +30 km-training te benoemen). Deze zondag stond er echt zo eentje gepland. En dat na een trainingsweek met al heel wat kilometers en een snelheidstraining erbovenop. Dat tikt aan!

Fietsknooppunten

Via fietsnet.be had ik op voorhand al een route uitgestippeld doorheen het Vlaams-Brabantse landschap. Handig die website. Je zoekt je startpunt en klikt vervolgens op de kaart op de nummers die je wilt volgen. De tool berekent automatisch het aantal kilometers. Vervolgens kan je dat als gpx exporteren (en op je gps-horloge zetten, als je hier een navigatie-optie in hebt), en ook als pdf om eventueel uit te printen.

Zo had ik me dus een mooie route uitgestippeld vanuit Boortmeerbeek (waar ik woon) naar de dorpen Berg, Perk, Elewijt en via buurdorp Schiplaken zou ik uiteindelijk weer thuis belanden. Goed voor 31 km. Olé.

Opdracht geslaagd

Om 8u30 zondagmorgen trok ik op pad. Het was nog een beetje frisjes maar de zon deed al flink zijn best. Bedoeling was om op hartslag te lopen en deze zo lang mogelijk onder de 140 te houden. Dat bleek een makkie. In het begin had de koude wat effect maar na een uurtje zat ik nog altijd vlotjes onder de 135 en dat kon ik tot zowat 4 km voor het einde volhouden.

De tocht was afwisselend, af en toe wat wijken doorkruisend, maar ook door weidse landschappen, langsheen velden en verlaten weggetjes. Na 16 km probeerde een aardappel-automaat me te verleiden tot een aankoop, zonder succes. (eerlijk gezegd: zoiets had ik nu nog nooit gezien. Je komt nogal wat tegen op zo’n lange zwerftocht…).

IMG_1748

De laatste kilometers begon vermoeidheid me wat parten te spelen. Ook niet zo abnormaal na al een pittige trainingsweek, een drukke werkweek en de avond ervoor nog een avondje uit ook. Maar al bij al viel het nog mee en op het einde – na 3u15 trainen – was het nu ook niet zo dat ik als een pudding in elkaar zakte. In de namiddag ben ik nog volop in de weer geweest en om 22u ’s avonds zakte ik dan effectief als een pudding in elkaar om vervolgens 8,5 uur lang compleet in comateuze toestand in mijn bed te liggen.

Nog 2 weken

De komende week staan er weer wat kilometers op de planning met als topper volgende zondag de Trail de la Primavera. 30 km op en neer hobbelen in de Ardennen, niet alleen om kilometers af te leggen maar ook wat extra kracht te trainen. Daarna mag ik stilaan beginnen uitbollen , maar ook niet direct te drastisch. Dat drastisch afbouwen is pas vanaf 27 maart voorzien en ik denk dat ik daar tegen dan ook wel volop naar uit aan het kijken zal zijn. Om dan vervolgens te ‘knallen’ (relatief) op 9 april!

De helse weken

Na de wake-up-call van vorige week heb ik mijn trainingen wat rustiger aangepakt. Braafjes pakte ik elke training mijn hartslagmeter erbij en hield ik een beetje de pas in om m’n hartslag wat lager te houden. Dat ging verbazingwekkend goed. Het tempo viel zelfs vrij goed mee. Ik vreesde dat ik op dat vlak serieus zou moeten gaan inboeten, maar eigenlijk zit er maar een tiental seconden verschil op tegenover de tempo’s die ik de voorbije weken deed. Geen ramp dus.

Nog een maand

Op 9 april is het van dat: de marathon van Rotterdam. Dat wil zeggen dat de ‘helse weken’ begonnen zijn. Trainen, trainen, trainen. Kilometers vreten! Deze week eindigde ik op net geen 59 km, in 4 trainingen. Per ongeluk zat daar vandaag mijn eerste 30’er bij.

Samen met clubgenoot Kristof liep ik een wandeltocht in Kampenhout. Een superfijne tocht, met veel afwisseling en zelfs wat trailstukjes, doorheen modderige weilanden en stukken bos. Toen we deze training planden, stond op marching.be dat de langste afstand 28 km was. Ideaal voor de 2u50 die vandaag op m’n planning stond. Maar gisteren zag ik dat die afstand gewijzigd was naar 29 km en toen we hem vandaag dan ook echt liepen, eindigden we met 30,4 km op de teller. Toegegeven, voor ons mentale welzijn in aanloop naar de marathon wel een ferme opsteker!

kampenhout

Goed gevoel

De eerste 30’er zit er dus al op. Het liep fantastisch goed. De eerste 18 km zat mijn hartslaggemiddelde op 132. Daarna begon de wind wat op te steken en ging het een tikje omhoog, maar tot km 25 kon ik mijn hartslag wel onder de 140 houden. Daarna ging de wind voluit en ging het nog een tikje omhoog, maar eenmaal de wind in de rug ging ie ook weer 10 slagen naar beneden. Na die dik 30 km had ik wel een klein beetje last van vermoeide benen, maar echt moe was ik niet en had het gevoel gerust nog een uurtje te kunnen doorgaan. Nu enkele uren later voel ik geen greintje spierpijn. Zalig.

Het geeft volop vertrouwen voor de komende weken. Die beloven nog pittig te worden. Je moet er dan ook iets voor over hebben, voor zo’n marathon.

 

 

Opbouwen!

Nog iets minder dan twee maanden te gaan voor de marathon van Rotterdam. Op Facebook volg ik een groepje met allemaal deelnemers aan deze marathon. Tot mijn verbazing zie ik daar heel wat leden al duurlopen van 30 km doen, nu al. Zo ver ben ik nog niet. Wat voor zin zou dat ook hebben? Als ik nu al wekelijks een dertiger zou doen, ben ik uitgeput en geblesseerd tegen 9 april. Nee, die valkuil, daar trap ik al lang niet meer in. De eerste helft van maart is nog ruim op tijd om een drietal keer tegen de 30 km aan te tikken. Pas dan is die extra trainingsprikkel ook pas nodig om klaar te geraken voor de marathon. Dat is toch mijn ervaring…

Drie weken 

De Aalter-trail was de eerste deftige lange training in januari. Daarna volgde een weekje ‘rust’ en vorige week zondag ging week 1 van drie weken opbouwen in. Die dag liep ik 23 km rustig op m’n eentje. Nog steeds met versleten steunzolen en dat voelde ik wel in mijn heup en hamstrings. Maar gelukkig niet zodanig dat het lopen me niet afging, integendeel. Na die 23 km was ik niet noemenswaardig moe en in de namiddag ben ik nog met het gezinnetje wat gaan wandelen.

Die duurloop ging voor een keer eens helemaal een andere richting uit dan ik gewoon ben. Via het fietsknooppuntennetwerk had ik een route uitgestippeld die me naar Haacht en Wespelaar bracht. Er waren wel een paar saaie stukjes in, maar toch ook wel wat afwisseling om de training vrij vlot te laten verlopen. Onderweg zag ik twee wilde hertjes dartelend in een weide, ik slaagde erin een ietwat vage foto te maken. Ik was niet alleen daarmee, een mountainbiker wipte ook spontaan van zijn fiets om een foto te maken en we moesten er samen even om lachen.

Vandaag dan week 2 en het werd maar een tikje langer. Dat komt omdat de training van vorige week eigenlijk al een beetje te lang was geworden. Dit keer wel weer gewoon naar m’n getrouwe Domein van Hofstade (de foto bovenaan dit artikel trok ik daar vanmorgen). Daar met een hele bende Heidejoggers 10 km samen gelopen en dan weer naar huis. Na 24,3 km was ik weer aan m’n deur, wreed content. Deze keer had ik wel mijn nieuwe steunzolen in. Vrijdag droeg ik ze een eerste keer voor een uurtje loslopen. Dat was stevig wennen. Twee robuuste steunblokken onder m’n voetzolen die dat al een hele tijd niet meer gewend waren , dat pikte. Het is me nu echt wel duidelijk dat m’n vorige steunzolen compleet versleten waren en niks steun meer boden.

Bijna blarenleed

Vanmorgen had ik dus als voorzorg goed mijn voeten ingewreven met anti-frictie-zalf en daar heb ik geen spijt van gehad. Na een uurtje begon de wrijving de kop op te steken en had ik het gevoel dat er zich blaren aan het vormen waren. Een typisch verschijnsel bij het inlopen van nieuwe steunzolen. Die dingen moeten zich toch wat naar je voet zetten en dat duurt een paar weken. Met de vorige heb ik zo een maand lang moeten smeren en tapen en liep ik de Mont Blanc Marathon uiteindelijk met twee knoerten van blaren en ingetapete voeten (ik had de nieuwe steunzolen toen pas drie weken voor die marathon, dus beetje te laat om deftig in te lopen). Soit, vandaag viel het gelukkig nog mee. Heb wel een tijdje een brandend gevoel gehad, maar bij thuiskomst bleken er gelukkig toch nog geen blaren te zijn. Hopelijk blijft dat zo.

Volgende week staat week 3 van het opbouwen me te wachten en dat wordt een hele leuke: de Charlepoeng Trail, goed voor 26 km ploeterplezier! Ik kijk er al naar uit!
En daarna…een weekje relatieve rust alvorens we echt keihard opbouwen richting marathon!

 

 

 

Winters genot in het Zoniënwoud

Zondag duurloopdag en dat zou weer het traditionele tochtje richting Domein van Hofstade worden en daar een ronde met de Heidejoggers. Tot ik gisteravond een bericht van Heidi kreeg met de vraag om nog eens mee naar het Zoniënwoud te trekken. Beetje smekend naar manlief gekeken en allé, ’t was goed. Ook Christine zou van de partij zijn, een leuk weerzien met twee van mijn favoriete loopmaatjes.

Mistige sfeer

Na de sneeuw-vries-ijzel-ellende op zaterdag lag het Zoniënwoud er feeëriek bij: witbesneeuwde paden die er her en der wel glad bij lagen en daar dan nog een mistige gloed bij en het winterse plaatje was compleet. Dat we zouden genieten, dat hadden we al heel snel door. We waren er trouwens niet alleen. Zeker de eerste kilometers was het met momenten slalommen tussen de groepjes lopers, fietsers en wandelaars (met veel te veel honden…).

img_1631
te mooi om niet af en toe eens een foto te trekken

Toch ook wel wat afzien

Heidi en Christine zijn natuurlijk veel beter getraind dan ik. Ze zijn beiden ultrarunners die de voorbije maanden van die veel-te-verre tochten ondernamen waar ik zelfs niet aan zou durven beginnen. Heidi beloofde wel er een ‘trage’ loop van te maken, maar blijkbaar betekent dat voor haar tegenwoordig een tempo van 11 km/u terwijl ik me meestal tevreden stel met een snelheid tussen de 9 en 10 km/u. Af en toe moest ik beide dames toch eens vriendelijk vragen van wat trager te gaan. Maar ik wou me ook niet helemaal laten kennen en de stukken downhill ging ik gewoon mee aan dat snelle tempo om dan de rest van de tijd wat achterop te lopen hijgen en stilletjes meer en meer te beginnen afzien.
Na 19,5 km was ik blij dat ik er was, maar ’t is niet omdat ik af en toe stevig afzag dat ik er niet volop van genoten heb.

Christine die kreeg er geen genoeg van en ging direct weer voort voor een tweede ronde. Gek volkje, die ultralopers.

Adeps

Na onze tocht gingen Heidi en ik douchen in het sportcentrum van Adeps. Voor 1,6 euro kan je er een lekkere warme douche nemen in een superruime kleedkamer. Ideaal zo in deze winterse koude dagen. Er is ook een gezellige cafetaria met lekker eten en dat voor een heel schappelijke prijs.

Vanaf het sportcentrum vertrekken de verschillende loop-, wandel- en mountainbikeroutes. Wij deden vandaag de rode looproute van een kleine 20 km. Je kan er ook routes van 5 en 10 km doen. Meer info op de website van het Zoniënwoud.

Halve Maasmarathon Visé

Wat een idee: een halve marathon lopen bij een temperatuur van 27°C? Ik hou wel van warmte, maar mijn lijf is er nu nog niet aan gewend. Anderhalve week geleden liep ik nog te bibberen in lange tight en een shirt met lange mouwen. Gisteren was dat in korte short en mouwloos shirtje, wat een verschil!
Coach Tiny stuurde me zaterdag nog snel een mailtje met de nodige warmte-tips. Die waren welkom, want dankzij hem ging ik nog snel op zoek naar zonnebrandcrème (een fles van een jaar oud onderin de kast in de badkamer gevonden, oef!), petje, camelbak én last but not least…vaseline tegen de onvermijdelijke schuurplekken.

Beetje stress vooraf

Zondagmorgen om iets na 8 dan de baan op richting Visé. Om kwart na 9 arriveerde ik er al en vond ik een (ietwat illegaal) parkeerplekje pal naast de sporthal. Een pendelbusje kwam al direct aangereden om me naar de startplek te brengen. Wat een service! Ik was helemaal nog niet klaar! Ik moest me nog helemaal insmeren met zonnecrème en vaseline (op de delicate plekskes), een sandwich binnenwerken, banaantje zoeken onderin m’n sporttas en nog wat water binnengulpen. Dus de lieve meneer al maar laten vertrekken met een andere sporter. Nog geen 2 minuten later stond het volgende busje al bij mij om me mee te voeren. Ik kreeg er zowaar bijna stress van!

Dan toch maar het busje ingekropen en 3 minuten later was ik al in het dorpscentrum.. Toen kwam het eerste echte paniekmoment van de dag…mijn petje! Shit, waar was dat gebleven. Ik had het zeker meegenomen met het busje, maar bij het uitstappen was ik het dus kwijt. Nog in het busje? Tja, busje was alweer weg. Dan maar eerst mijn startnummer gaan afhalen en dan terug naar de plek waar de chauffeur me had afgezet.En ja hoor, ik vond de buschauffeur terug, maar geen petje in het busje. Dan maar zoeken op straat en hallelujah…ik zag plots mijn petje bengelen aan een hek! Iemand had het dan toch gevonden. Weg paniek, want met die warmte kan ik echt niet zonder petje.

Ondertussen was het 10 uur en had ik nog een uurtje te spenderen tot aan de start. Ik ben zeker 10 keer naar ’t toilet geweest! Zenuwen! Schrik! ’t Was bloedheet en ik voelde me totaal niet klaar voor deze tocht. 10 minuutjes voor de start toch maar eens een 200 meter gelopen om te zien hoe m’n benen aanvoelden en dat bleek dramatisch slecht. Aiai toch.

Plan van aanpak direct om zeep

Om 11 uur werden we in gang geschoten en ik besloot rustig te starten. Dat besluit heeft welgeteld 50 meter standgehouden. Iedereen raasde er direct vandoor en ik werd meegezogen in de flow. Mijn tempo lag tussen de 10,5 km en 11 km/uur. Veel te rap. Maar mijn benen wilden plots wel meewerken. Oké, plan laten varen dus en gewoon gaan onder het mom van ‘we zien wel waar dit eindigt’.

Het eerste dipje kwam rond 9 km toen we plots een kasseistraat onder onze voeten kregen en die leek echt eindeloos te duren. Ik geraakte mijn tempo kwijt en de hitte viel plots als een baksteen op mij. Gelukkig was er een drankpost op 10 km, waar ik even rustig de tijd nam om te drinken. Daarna geraakte ik weer vlot op weg. Een paar kilometer verder werd het weer eventjes wat lastig door de hitte. De drankpost rond km 14 kwam er net op tijd. Daar nam ik een gelletje en veel water. Het gelletje smaakte erbarmelijk slecht (het was eens iets nieuws, omdat m’n vertrouwde Squeezy’s uitverkocht waren in de winkel), maar ik kreeg er wel vleugels van. Op dat punt kwamen ook de marathonlopers bij ons (die waren 2 uur eerder gestart) om de laatste 7 km op hetzelfde parcours te lopen, en ik bevond me net bij de pacer van 4 uur. Leuk tempo en ik kon vlot mee, het motiveerde me zelfs om met dat groepje mee te lopen.

Rond km 18 moest ik ze toch lossen, omdat de hitte me toen helemaal te pakken kreeg. Even rustig de tijd genomen om nog wat bij te drinken en een extra gelletje te nemen en zo op m’n gemakske naar de finish gehobbeld. Ik had helemaal geen doel qua tijd, dus had op dat vlak geen stress of zo. Maar toch ben ik achteraf wel heel content met het resultaat, een goeie 2 uur 5 minuten. Dat ging dus gewoon stukken beter dan ik vooraf had kunnen dromen. In ‘gewone’ weersomstandigheden was ik zeker onder de 2 uur geëindigd en da’s wel een fijn gevoel. Uiteindelijk heb ik geen stevige snelheidstrainingen of zo gedaan het voorbije jaar.

En is ie dan echt de moeite?

Wat ik dan vond van de Maasmarathon? Want zo noemt die eigenlijk officieel…’marathon’, maar dan ook met andere afstanden (5 – 10 en halve marathon). Mja…iedereen is zo vol van het parcours, maar ik snap niet goed waarom. Ten eerste gaat het parcours amper langs de Maas (pas na 6 km en dat tot 9 km en daarna nog eens een stukje van zo’n 2 km lang). Ten tweede gaat het parcours daarnaast door niet zo’n al te interessant landschap en soms zelfs langs stukjes drukke wegen. Ik zag achteraf op Google Maps dat men een heel natuurgebied zelfs volledig links laat liggen. Jammer vind ik dat. De marathon zelf zou wel meer de moeite zijn, omdat die tot in Maastricht gaat. Maar de halve marathon is in mijn ogen dus iets minder de moeite. Dan is de halve marathon in Sluis of die in Ploegsteert een heel pak mooier om te lopen.

maasmarathon
het satellietplaatje van het parcours

Maar verder niks op aan te merken hoor. Prima organisatie, met ruime drankbevoorrading onderweg, een goodie-bag met drank en eten bij de finish én met een schitterend pendelbusjes-systeem (ook op de terugweg moest ik er amper een minuutje op wachten). De douches heb ik niet getest, ik ben gewoon direct naar huis gereden om thuis te douchen.

What’s next?

Tja, ik ben al aan het broeden op iets. Zo ergens half juni denk ik… Will keep you posted!

 

Net-niet-marathon van Zeeland

Wat op zaterdag 3 oktober een hoogdag moest worden, draaide nogal uit op een sisser waar ik toch wel een stevige kater aan overhoud. Het werd dus net niet een volledige marathon. Na 36 km strandde ik bijna letterlijk op het strand (om maar te zeggen: op het wandelpad naast het strand), bij een bezorgde Rode Kruis-medewerkster die het niet zo verstandig vond dat ik toch voort zou gaan (en ik kon haar alleen maar gelijk geven).

Maar kom, laat me starten bij het begin. De voorbije weken stond mijn hoofd eigenlijk niet echt naar die marathon. Het is al weken, eigenlijk sinds ik terug ben uit vakantie, een en al stress op het werk. Met een gehalveerde ploeg een stortvloed aan projecten verwerken en tegelijkertijd een intensieve opleiding volgen (om binnenkort andere projecten te kunnen opnemen)…het begint wat te wreken. Ik heb het graag druk, maar trop is trop en onbewust nestelt zich dan toch wat stress ergens in het lijf. Stress zet zich bij mij op mijn maag. Heb zelfs enkele jaren geleden diagnose maagbreuk gekregen, maar met de nodige medicatie toen wel e.e.a. onder controle gekregen. Feit is dat mijn maag mijn zwakke plek is. Dat merk ik dan wel eens bij stevige inspanningen. Tijdens de Marathon du Mont Blanc heb ik zo ettelijke maagpilletjes weggeslikt, maar helaas was ik deze nu vergeten. Oh wat zou ik me dat beklagen.

Zoals gezegd stond mijn hoofd door de werkdruk dus niet echt naar de marathon. Pas vrijdagavond bij thuiskomst kwam plots het besef dat het de volgende dag van dat was. Ik moest nog alles bijeenzoeken en inpakken, want we zouden er ook een nachtje overnachten (babysit oma bleef bij Seppe thuis). De volgende ochtend wij op pad en hoe onvoorbereid ik was, bleek al uit het feit dat ik manlief opdracht gaf me in het verkeerde dorp af te zetten. Laat Burgh-Haamstede (waar de start niet was) nu een exacte kopie zijn van het naburige Burgh (waar wel de start was), dus het kwam me allemaal wel bekend voor, alleen ontbrak het aan vlaggetjes en een startboog. Daar stond ik dus! Gelukkig kwam manlief me even later terug oppikken, vroegen we de juiste weg aan een voorbijganger en stond ik een kwartiertje later toch in het juiste dorp. Nog ruim op tijd trouwens. Gezellig wat kunnen kletsen met coach Tiny en ook wat bekenden zoals Jacqueline en Hans en dan was het tijd om naar de startplaats te gaan. Mijn gevoelige blaasje liet zich weer gelden, dus ook daar nog rap even de Dixi’s opgezocht. Er waren er natuurlijk te weinig, dus stond ik daar 20 minuten te koekeloeren eer ik aan de beurt was en het startuur kwam steeds dichterbij. Om 2 minuten voor 12 holde ik dan de Dixi uit en trok naar het startvak, maar door het nipte tijdsbestek belandde ik zo wel quasi helemaal vooraan in het startvak, bij de snelle doorwinterde marathonlopers.

Tijdens de marathon

Bij de start hield ik onmiddellijk goed rechts aan zodat alle snelle mannen me konden inhalen, maar onbewust raak je dan toch eventjes meegezogen in dat loopgeweld. Mezelf ingehouden en vooral op mijn ademhaling gefocust. Ik zorgde ervoor dat ik niet diep in de ademhaling moest gaan en dus vooral niet begon te hijgen. Mijn benen deden de rest. Die eerste kilometers liep het zo zalig goed en ik genoot ongelooflijk. De muziek op m’n hoofd (een playlist van Royal Blood, Muse en Foo Fighters vooral) werkte motiverend en leidde me af van de wereld rondom me heen. Ik sloot me lekker op in mijn cocon en had als focus de finish. Af en toe een slokje water drinkend, omdat de temperatuur al best wat opliep. Tot aan het eerste strand ging het dus heerlijk goed. Maar dan kwam dat mulle zand…dat lag al goed omgewoeld en mijn tempo raakte danig dooreengeschud. Tiny haalde me toen bij, dat was leuk om hem nog even te zien. Bij de strandafgang richting waterkeringsdijk (of hoe dat ding ook noemt) ging ik bijna onderuit in het mulle zand en mijn adem stokte even. Geen erg, hier had ik op gerekend dat dat zand mijn ding niet is, dus ik hield fors de pas in tot ik weer vlakke grond onder me had en mijn ademhaling weer onder controle had.

Een beetje later, rond km 7, begon het echter mis te lopen. Ik kreeg plots zomaar uit het niets steken in mijn maag. O jee, hier gaan we weer, was het eerste dat in me opkwam. Probleem is dat zoiets compleet je aandacht begint op te eisen. Mijn muziek wat harder gezet in de hoop mijn aandacht te kunnen afleiden, maar nee hoor, die maag kwam er altijd maar tussen. Na een 12-tal kilometer voelde ik dat ik nood had aan een gelletje, maar de schrik zat erin met mijn maag. Toch geprobeerd, gelletje genomen, water erbij gedronken, maar natuurlijk viel dat als een blok op mijn maag. Toch wou ik voortgaan, dus bleef ik ondertussen af en toe een slokje water proberen en op km 19 en op km 26 probeerde ik telkens ook nog een gelletje. Tussen km 19 en 26 moet je dan ook nog eens het strand op en dat stuk was voor mij toen echt even de hel op aarde. Ik knakte mentaal serieus, door het zware parcours (het zand lag helemaal niet zo hard als ik gehoopt had), het is een heel monotoon stuk en er leek maar geen eind aan te komen. De maagpijn bleef en hierdoor durfde ik dus amper te drinken. Even twijfelde ik of ik wel zou doorgaan, maar opgeven omwille van maagpijn had ik al eens gedaan in Kampenhout en daar had ik achteraf heel veel spijt van. Ik wou me nu dus niet laten kennen.

Ik weet niet hoe ik het deed, maar op de één of andere manier haalde ik toch het 30 km-punt. Weer twijfelde ik even of ik hier niet zou uitstappen, maar het publiek staat daar in Domburg rijen-dik en ik durfde niet stoppen tussen al dat volk. En op zich had ik op dat punt nog altijd wel goeie benen, alleen zat ik dus met een blok beton in mijn maag waardoor ik constant op wandeltempo moest overstappen om de steken onder controle te krijgen. Zonder het echt te beseffen begon ik tegen dan wel stevig gedeshydrateerd te geraken. Ik probeerde wel af en toe een slokje water te drinken, maar de verhouding was te laag tov de inspanning en de temperatuur. Ik zweette enorm, mijn zwarte compressiekousen waren al helemaal wit doordrenkt van het zout dat ik uitgezweet had en eigenlijk vulde ik al dat verlies van essentieel vocht en zout niet voldoende aan. Dus wat gebeurde er? Ik begon pijn in mijn onderrug en flanken te krijgen, mijn nieren begonnen te protesteren. Daar kwam dan nog misselijkheid bij en ik stond rond km 33 (vraag me niet hoe ik daar geraakt was) aan de kant te kokhalzen en te huilen van de pijn. De pijn in mijn rug werd zo erg dat ik nog met moeite mijn ene voet voor de andere gezet kreeg, ik duizelde er zelfs van. Het enige dat ik nog wou was stoppen, op de grond gaan liggen en daar blijven liggen. Maar ja, dat doe je ook niet natuurlijk. Ik strompelde dus maar wat voort. Aan km 34 stonden mensen drank uit te delen, dus ik vroeg hen of zij in vervoer naar de finish voorzagen. Niet dus, ze bleken niet van de organisatie te zijn. Even naar manlief gebeld dan, hem gezegd dat ik ging stoppen en wel zou zien hoe ik terug zou geraken. Na nog 2 km strompelen passeerde ik dan gelukkig die Rode Kruis-post en de dame daar zag direct dat het niet zo best met mij ging. Ze zette me onmiddellijk neer op een stoel, belde met de organisatie en 5 minuten later was ik al onderweg naar het finish-gebied.

Nadien

Natuurlijk baalde ik enorm, maar anderzijds voelde ik me ook opgelucht dat de hele strijd gedaan was. Want op zo’n manier een marathon lopen, neen…dat is echt niet leuk hoor. Van genieten was er al kilometerslang geen sprake, integendeel. Het is nog altijd een hobby, iets dat ik voor mijn plezier doe. Mijn gezondheid ervoor op het spel zetten, hoort daar nu eenmaal niet bij. Ik hoorde dat de Nederlander die 3e was, quasi bewusteloos over de eindstreep is gesleurd en dat hij zich er zelfs niets meer van herinnert… leuk kan dat toch niet zijn.

Ik vind het natuurlijk jammer dat ik geen medaille of finisher-t-shirt heb (ik had dat laatste wel kunnen gaan afhalen, want had er zelfs voor betaald, maar ik hoef hem echt niet te hebben), maar op deze manier…nee dank u.

De eerste uren daarna voelde ik me trouwens echt hondsberoerd. We zijn dan wel gaan eten met Tiny en co ‘s avonds, maar echt lekker (fysiek) voelde ik me niet. Mijn rug doet nu nog altijd pijn, maar mijn nieren doen gelukkig wel weer hun werk (het heeft die dag nog ongeveer 4 uur geduurd eer ik weer een deftig plasje kon doen). Ik hou het alleszins nog wat in ’t oog.

Om positief te eindigen

Was het weekend dan helemaal mislukt? Nee hoor. Manlief deed zondag de wandelmarathon mee. Zondag was het dus vroeg alle hens aan dek, want hij moest om half 7 ’s morgens de bus op. Ik ook wakker natuurlijk (maar had sowieso een slechte nacht achter de rug). Maar ik zal eens heel eerlijk zijn: wat keek ik uit naar deze dag! Een hele dag voor mij alleen, een dag waarop niks moest. Ik had me voorgenomen om daar volop van te profiteren door eens echt niks te doen, behalve genieten. En ja hoor, ik heb ongelooflijk hard genoten van een wandeling op het strand en door de duinen, terrasjes gedaan en tussendoor heel wat hoofdstukken in een boek gelezen. Heerlijk. Achteraf bekeken had ik hier eigenlijk veel meer nood aan dan aan het finishen van die marathon.

En manlief? Die heeft WEL de finish van de marathon gehaald!

koen marathon

En wat nu?

Na mijn debacle heb ik natuurlijk al even met Tiny gepraat, maar zondag heb ik ook veel kunnen nadenken. Voorlopig denk ik dat ik het marathonlopen maar eens ga laten voor wat het is. Ik haal persoonlijk heel weinig voldoening uit dat vele trainen. Dat merkte ik de voorbije weken wel. Het was meer een opdracht dan dat het nog om het beoefenen van een hobby ging.
Ik geniet vooral van loopjes van een uur tot anderhalf uur en van trails natuurlijk (zolang ze niet te lang zijn). Zo van die loopjes die even helpen te ontstressen zonder dat ze me verder uitputten. Halve marathons en middellange trails (tot een 30-tal kilometer), laat me daar nu maar even op focussen. En ik zeg niet van “nooit meer”, maar niet nu de situatie op het werk is wat ze is (en dat zal nog wel een hele tijd zo blijven duren vrees ik).

*********************

WP_20151004_10_18_57_ProDit kunstwerkje was het hele weekend te bewonderen in Zeeland,
gemaakt van hardloopschoenen!

 

nog een paar nachtjes slapen

Een weekje overgeslagen met verslag uitbrengen, sorry sorry! Het was gewoon gruwelijk druk op het werk, geen zin om dan ’s avonds nog iets neer te pennen. Dat het net nu zo druk is, komt natuurlijk enorm ongelegen. Ik raak maar met moeite uitgerust, rust die ik nu eigenlijk wel moet hebben. Maar ja, we ploegen voort en het moet maar lukken aanstaande zaterdag. Aanstaande zaterdag!! Het komt nu echt dichtbij, die marathon. Daarbij ook de lichte paniek en vollenbak onzekerheid, zo typisch in volle taperingperiode. Overal voel ik weer pijntjes: pijn in mijn rechtervoet, een dwarse achillespees aan m’n linkervoet, een heup die lijkt te kraken. Ik lijk wel een honderdjarige met momenten. Gelukkig weet ik ondertussen wel dat dit een proces is dat zich moet voltrekken, vooral tussen mijn oren dan. Des te gedrevener sta ik zaterdag aan de start.

Zondag de 20e september liep ik mijn laatste dertiger en die ging niet van harte. Had gelukkig afgesproken met maatje Heidi. Samen gingen we het Zoniënwoud nog eens verkennen. Ik liep eerst op m’n eentje de blauwe ronde van 10 km. Blauwe ronde = omdat die aangeduid staat met blauwe pijlen. Heel goed aangegeven trouwens, ik liep geen moment verkeerd (had daar op voorhand wat schrik voor en ’t is best wel een groot woud). Het was nog vroeg in de ochtend en met het opkomend zonnetje werd ik alleszins getrakteerd op prachtige taferelen. Genieten!
WP_20150920_08_39_17_ProNa dat eerste uurtje pikte Heidi in en deden we de rode ronde van 20 km. Dat ging redelijk goed tot halfweg. Toen had ik er al 20 km opzitten en dus nog 10 te gaan. Maar die 10 km leken in mijn ogen wel 100 km. Het lijf was op en ook mentaal ging het niet meer. Ik was eigenlijk gewoon doodmoe. Had er toen ook al zo’n loodzware werkweek opzitten, keek op tegen weer een razenddrukke werkweek, en dan al dat trainen van de voorbije weken…’t vat was echt af. Met veel moeite me toch door die laatste 10 km gesleept, dankzij Heidi die me keer op keer weer wat moed moest inpraten. Regelmatig wel eventjes wat gestapt, dus het ging wel wat trager dan de week ervoor. Maar allé, uiteindelijk toch gehaald en dolblij dat het erop zat.

Sinds die training mag het allemaal wat minder zijn en da’s niet erg. Afgelopen week was het dan ook vooral gaan lopen om te ontstressen en m’n geest leeg te maken. Zondag was er maar een loopje van een dikke 13 km te doen en deze week nog twee kleine loopjes te gaan (waarvan ik de eerste deze avond al deed, gezien ik morgenavond moet werken). Donderdag en vrijdag dan zo veel mogelijk proberen rusten en dan….M-day!