Kustmarathon Zeeland in mineur

Voor de start zei ik nog aan Coach Tiny: “Dit wordt marathon nr 13, hopelijk brengt ie geen ongeluk”. Wist ik veel dat ik met die profetische uitspraak m’n lot bezegelde, en dat allesbehalve in positieve zin. Sowieso zat het voor de start ook al scheef met mijn motivatie. Het was al m’n derde marathon dit jaar, het ‘hoefde’ allemaal niet zo erg en privé zit ik met heel veel muizenissen die m’n gedachten primeren waardoor ik niet echt gefocused was op het uitlopen van een marathon. En een marathon loop je niet alleen fysiek, maar voor een groot deel in je hoofd. Als dat niet goed zit, dan is het al bijna gedoemd te mislukken, zo bleek gisteren maar weer eens een keer.

Kakweer

Beginnen bij het begin: het was gisteren gewoon geen weer om een hond door te jagen. Toch ging ik met meer dan 1000 andere gekken van start om 12u. De voorspellingen waren hels: 6 à 7 beaufort tegenwind op de afsluitdijk en het strand, regen en springtij op het strand in Vrouwenpolder. En dan was ik al niet zo supergemotiveerd. Gelukkig stond ik met Tiny aan de start en die geweldige coach is een held in relativeren en motiveren en ik kreeg er zowaar toch zin in.

Hel op de dijk

De eerste kilometers misbruikte ik m’n coach wat als haas, zo ging ik alvast niet te voortvarend van start. Op de strandovergang bij Schouwen verloor ik hem uit het oog en ging ik op m’n eigen tempo verder. Tot dan viel het allemaal trouwens best wel mee. Wel wat regen, maar de wind voelden we pas echt voor het eerst op dat eerste (korte) stuk strand. Maar dan moesten we de afsluitdijk op en dat werd gewoon een gruwelijk stuk.

De afsluitdijk (of hoe dat ding ook heet), goed voor zo’n 10 km aan één stuk vollen bak tegenwind en regen. Ik probeerde me in een groepje te nestelen, maar de wind beukte gewoon volop op ons in. Ik had gelukkig een jasje aan (dat ik de eerste kilometers had vervloekt, maar nu was ik blij dat ik het aanhad), maar net zoals iedereen rondom mij raakte ik stilaan doorweekt tot op m’n onderbroek. Er lagen veel plassen, dus binnen de kortste keren waren ook m’n voeten doornat en ik begon het koud te krijgen. Ik bleef wel lopen, maar mentaal begon er zich een zware strijd te vormen.

mentale strijd

Heel de tijd vroeg ik me af wat ik hier in godsnaam aan het doen was, voor wie of wat was ik dit aan het doen. En ik had moeite om het antwoord te vinden. Maar toch won het stemmetje van ‘doorgaan’ het keer op keer en probeerde ik moed te putten uit de mensen rondom mij. Iedereen had het lastig, het was nu eenmaal voor iedereen zo’n kakweer.

Na 19 km was ik het echter spuugzat en won het ‘opgeven-stemmetje’ het. Ik nam me voor dat als ik Peter (kennis die ik voor de start had gezien) of Tiny zijn zoon aan Vrouwenpolder zou zien, ik gewoon om een lift naar de finish zou vragen. Maar ik zag ze niet staan aan Vrouwenpolder. En toen doemde ook het lichtpuntje van de dag voor me op: het strand lag er zowaar beloopbaar bij! Helemaal nog geen springtij en zelfs een ‘hard’ strand, op enkele stroken na.

IMG_2664

Ik kreeg plots weer moed en ging weer voort. Maar baf: de wind kwam nog sterker op en benam me letterlijk de adem. Het was dan wel gestopt met regenen, we liepen op een open vlakte met 7 beaufort koude tegenwind en ik was nog steeds doornat.
Toch proberen doorgaan, maar toen kwam de man met de hamer kloppen.

giphy (3)
de wind was heftig

totale crash

Ik nam al mijn 3e gelletje – veel te vroeg volgens schema – en ik rekende dat ik op deze manier helemaal niet zou toekomen met m’n voeding om tot aan de finish te geraken. Dat gelletje viel ook compleet verkeerd op m’n maag en ik stuikte bijna in elkaar van een plotse golf van misselijkheid. Ik begon te duizelen en wou op dat moment gewoon gaan zitten maar dat leek me niet zo’n goed plan. Dan maar even voortwandelen en proberen m’n ademhaling wat onder controle te krijgen maar dat lukte niet. Ik kon met moeite uitademen, het voelde aan als een astma-aanval (waar ik in de winter wel eens last van heb), maar dat leek me zo raar.

Na een kilometertje wandelen (het stuk op het strand is 7 km lang,eindeloos lang dus) had ik mijn ademhaling wel onder controle maar lopen lukte niet meer. Telkens ik probeerde was ik na enkele passen weer duizelig en kortademig. Stoppen dan maar.

Na een eindeloze tocht kwam ik aan km 26 aan de drankpost bij de Piraat. Ik stond te duizelen, te klappertanden en te bibberen en sprak een dame aan die me direct op een stoel zette, een veiligheidsdeken om me heen bond en een banaan in m’n mond stopte. Even later stonden er twee EHBO-mensen naast me die nog een dikke deken rond me heen wikkelden en me warm begonnen te wrijven. Ik bleef maar bibberen en klappertanden en was dus compleet onderkoeld. Na een half uur was ik nog altijd niet uitgebibberd, maar toen kon ik gelukkig in een auto stappen van de EHBO en die brachten me naar het sportcentrum aan de finish. Na een verkwikkende warme douche was ik eindelijk uitgebibberd.

no regrets

Jammer dat het zo moest aflopen, maar soms is het gewoon je dag niet. En dit was ook echt mijn weer niet. Ik kan nu eenmaal niet tegen de koude. Laat het 25°C zijn en ik functioneer en loop een marathon uit (zoals dit jaar Rotterdam en de Great Breweries). Maar zet me in krachtige en koude tegenwind en smijt daar twee uur lang regen erbij en ik crash. En zoals gezegd: de motivatie was onvoldoende om me erdoorheen te sleuren en toch vol te houden.

Heb ik nu spijt van mijn opgave? Nee hoor. Het was op dat moment gewoon de verstandigste beslissing. In de EHBO-wagen hoorde ik trouwens via de portofoon de ene na de andere oproep binnenkomen, waaronder eentje over een loper die bewusteloos op het strand lag. Moet je het echt zo ver laten komen? Gezondheid en veiligheid primeren nog altijd.

Ik heb absoluut tonnen respect voor alle lopers die gisteren wel de marathon succesvol volbrachten. Het was lood-lood-loodzwaar en al wie hem uitliep in deze omstandigheden zijn stuk voor stuk supermannen en supervrouwen met een doorzettingsvermogen om U tegen te zeggen. Chapeau!

 

 

Advertenties

it giet net oan -#Monschau -202 dagen

Oké winter, you’ve made your point. Go away!! Wat heb ik toch effe gevloekt vanmorgen. Om 6u30 uit bed, mezelf klaargemaakt voor m’n allereerste sneeuw-trailrun in Olne. Jep, ik was er helemaal klaar voor, zowel fysiek als mentaal. Om kwart na 7 vertrok ik dan. Alles was nog droog buiten, geen sneeuwvlokje te zien. Na een paar minuutjes rijden op de Leuvensesteenweg richting Leuven, zag ik de baan witter en witter worden. Fijne sneeuwvlokjes dwarrelden neer. De auto voor mij zwalpte plots op de rijstrook van de tegenliggers. Oei. Ofwel kwam die mens gewoon zat van een feestje, ofwel begon het glad te worden. Toch nog tot Leuven gereden, maar tegen dan was het hard aan het sneeuwen en zag de baan al wit. Iets wrong stevig binnenin mij, het gevoel zat niet meer goed. Ik had nog dik 85 km te rijden, het risico voelde te groot aan. Aan de lichten vlak voor de oprit van de snelweg, maar gewoon rechtsomkeer gemaakt en teruggereden.

In plaats van naar huis te rijden, ben ik dan wel doorgereden naar het zwembad van Hofstade. Daar de auto op een al-volledig-ondergesneeuwde-parking gezet, en dan het Domein ingelopen. Ik dacht dan maar daar de 23 km te doen die ik in Olne wou doen. Camelbak ging dus mee, met zo’n 1,2 liter water verrijkt met wat Herbalife Prolong. Na dik 20 minuten lopen wou ik al even een slokje nemen, maar er kwam niks uit. Heel de boel was al bevroren. Jawadde. ‘t Was -5° C buiten, en de wind deed het nog een heel pak onaangenamer aanvoelen. Na 10 km was het vat er bij mij toch wel af. Ik was verkleumd, het lopen ging vrij moeizaam, had ook al een paar keer m’n enkels omgeslagen en een keertje geschoven. En dan ook geen mondvoorraad waar ik beroep op kon doen…en ik had nog niet veel binnen van ontbijt, dat had ik namelijk opzij gehouden om bij aankomst in Olne te eten, een uurtje voor de start. En nog een mentale hindernis: ik had geen muziek bij! Want op wedstrijden doe ik nooit m’n I-pod in, dus dat ding lag thuis (en dan nog met een platte batterij). Maar hey, soms lukt dat dus echt wel, zo zonder muziek lopen. Het ruisen van de wind met de sneeuw erbij, het knisperend geluid onder m’n voeten en het gefluit van vogeltjes op zoek naar eten, het hielp wel allemaal een beetje om de herrie in mijn hoofd te stoppen.

Maar zoals ik al schreef: na 10 km was het beste er wel af. Dus ik liep terug even het gebouw van het zwembad in. Effe plaspauze houden, en eens goed drinken van de kraan en een Squeezy-gelletje nemen. De bevroren Camelbak (die loodzwaar begon door te wegen) ben ik dan rap in de koffer van m’n auto gaan steken en toen besloot ik van toch nog één rondje van 5 km te lopen. Dapper van mezelf, al zeg ik het zelf.

Het werden dus wel degelijk 15 km, helaas geen 23 km. Iets van een 1u40min heb ik erover gedaan, niet zo slecht in deze omstandigheden. Daarna rap nog een laagje kledij bij aangetrokken en voor m’n gezinnetje naar de bakker gegleden. Jep, gegleden. De wegen lagen er tegen dan dus bij ons spekglad bij. Zelf een keertje geschoven en ik zag er ene serieus uit de bocht gaan op weg naar huis. Het sterkte me wel in m’n beslissing om niet de 100 km naar Olne te rijden. Ik was er misschien wel geraakt, maar terug thuis geraakt?

En deze training was ook wel een bevestiging dat de trail zelf een brug te ver zou geweest zijn voor mij. Ik ben nog een bleuke in het traillopen en al helemaal een beginnerke wat lopen in de sneeuw betreft. 23 km op en af banjeren op bevroren besneeuwde heuvels en single tracks en langsheen bevroren riviertjes…ik denk niet dat ik het zou gehaald hebben (of in een tijd van rond de 5 uur of zo).

Hopelijk een nieuwe kans op 9 februari op de Trail des Bosses!

planA